Toon en zijn versjes, zijn filosofie, zijn levenskunst

 
 Es ich neet mee zng
brng mich dan mer nao hoes
brng mich trk nao mien landj
dao veul ich mich thoes
dan lik op 't veldj
die sjneewitte sjprei
en dan lik ich mich neier
in 't graas van de wei
 
 
 
Zaterdag 22 april 2000 overleed Toon Hermans. Die dinsdagmiddag is hij in besloten kring begraven op de Algemene Begraafplaats in Sittard. Toon werd 83.
Toon Hermans wilde in stilte worden begraven. In Sittard, waar hij in 1916 werd geboren en waar zijn in 1990 overleden vrouw Rietje was begraven.
Vrolijk zijn, op hem proosten, en vooral geen traan laten. Zo zou Toon willen dat we hem gedenken. Omdat het leven prachtig is en omdat Toon erop rekende dat het leven niet ophoudt bij de dood, maar het begin is van iets nieuws.
Toon leefde eigenlijk al jaren met de dood, niet alleen privé thuis maar ook op de bhne. Het was gewoon een manier om het verlies van zijn vrouw te verwerken. Wit en Rood waren de kleuren tijdens de begrafenis. Wit, de kleur van licht en hoop, en rood, de kleur van de liefde.
 
 
 
De laatste interviews
 
 
 
 Bij het overlijden van Rietje

De Bron

Dagelijks gedenk ik mijn dierbare doden, en ik
bid hun voor ons te willen bidden.
Zij zijn immers dichter bij 'de bron' dan wij.


Rietje

Zij stierf in november.
Nu ik dit schrijf is het zomer.
Het is dus nog maar kort geleden.
Maar er is geen kort meer en geen lang.
Ze is nog geen uur dood geweest.

Nu ik haar handen niet meer aan kan
raken en haar ogen niet meer kan zien,
zijn we ng meer dan ooit twee zielen
en één gedachte.

Gedichten van Toon Hermans
uit '75 Woorden', De Fontein 1991
 
 
 
 
 
 
 
 Voor een vriend
 
nu 't rouwrumoer rondom jou is verstomd
de stoet voorbij is, de schuifelende voeten
nu voel ik dat er 'n diepe stilte komt
en in die stilte zal ik je opnieuw ontmoeten
en telkens weer zal ik je tegenkomen
we zeggen veel te gauw: het is voorbij

Hij heeft alleen je lichaam weggenomen
niet wie je was en ook niet wat je zei
ik zal nog altijd grapjes met je maken
we zullen samen door het stille landschap gaan
nu je mijn handen niet meer aan kunt raken
raak je mijn hart nog duidelijker aan
 
uit 'Fluiten naar de overkant'
 
 
 
 
 Versjes van Toon
 
 
zelfportret (privécollectie van de familie)
 
Ieder versje, elk citaat van Toon zie ik, in al zijn eenvoud, als een soort van zelfportret. 
 
 


'Piep'

Als je in je gebeden praat met Franciscus, dan praat je regelrecht met Franciscus.
Je hoeft je ook niet af te vragen:
Met wie spreek ik?
Je spreekt in zekere zin wel met jezlf, maar k met hem in jou.
Er is nooit een antwoordapparaat.
Je kunt onmiddellijk praten en zeggen wat je wilt en je hoeft dus ook niet te wachten op de piep.
Gek h? Als je over zon onnozele piep begint, voel je direct de engheid van het aardse leven, het apparaat, het snoer, de hoorn aan je oor.
Als zielen spreken is dat er allemaal niet bij, dan is alles mogelijk.

Uit: Toon Hermans - 80 gedachten


Gabril

 

Toen ik een kind was, hing er op mijn slaapkamertje een schilderij dat ik vanuit mijn bed kon zien.
Er stond n engel op afgebeeld die zijn sterke krachtige vleugels uitspreidde boven het hoofd van een klein jongetje, dat door n rotsgebergte liep, terwijl n hevige stormvlaag stukken steen naar beneden joeg in de richting van het argeloze kind.

Dat beeld is mij bijgebleven.
In het stadje waar ik leefde, waren weinig bergen, dus ook weinig vallend gesteente, maar toch gaf het mij een veilig gevoel iemand in mn nabijheid te hebben, die me in bescherming nam als de boze geest dreigend mijn kant op kwam.

Dat gevoel is mij bijgebleven.
Ik heb het zelfs uitgezongen in het theater:
Ik had een eigen engel, die heette Gabril,
die engel had ik nodig want ik kneep m als de hel
hij sloeg meteen zn vleugels uit bij elk gevaarlijk spel
n heilig soort gevogelte, mijn engel Gabril



De Boom.

Dag lieve boom, ik heb je nog gekend
toen je geen blad meer had en eenzaam en verlaten
op deze plek te sterven stond,
ik weet nog hoe ik je hier vond
en dat we samen praten.

Nu heb je jou weer opgericht
in regen en in zonnelicht,
vol weelderige kleuren,
nu sta je feestelijk en blij
te stralen in de groene wei
om mij weer op te beuren


Beukenboom

Jij staat daar aan mijn raam
in 't warme licht te grijpen
en eind'lijk lieve beukenboom
begin ik te begrijpen,

dat jij daar staat voor mij,
wat gek, ik zag het niet,
zo kwam het dat ik al je liefde
onbeantwoord liet.

Nu loop ik met een schuldgevoel
en met oprecht berouw,
wat stom, jij had mij wal gezien,
maar ik had geen erg in jou.


Zo'n idee

Er moet toch 'n plek zijn, 'n land of 'n rijk,
waar iedereen happy is, ied'reen gelijk.
Er moet toch zo'n plek zijn, of dacht je van nee,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

Er moet toch zo'n plek zijn, heel ver hier vandaan,
daar kookt nooit iets over, daar brandt nooit wat aan,
geen vel op de melk en geen vlieg in je thee,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

Er moet toch 'n plek zijn, misschien wel heel hoog,
daar krijg je in 't bad nooit meer zeep in je oog.
D'r is altijd plezier en papier op de plee,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

Er moet toch 'n plek zijn, vr weg zeggen ze,
daar glijdt nooit je broek van je kleerhangertje.
Het kan er niet tochten en d'r is geen TV,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

Er moet toch 'n plek zijn, zo kinderlijk speels,
daar loopt nooit de rits van je gulp uit de rails.
En niemand is hongerig en niemand blasé,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

Er moet toch een plek zijn van 'n ander allooi,
ver weg van de haat en het kleine geklooi.
Geen roddels, geen pijn en geen ach en geen wee,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

En als je daarboven opnieuw bent ontwaakt,
en je denkt, wat heb ik me te sappel gemaakt,
dan begrijp je de sores die je had hier benée,
ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.

Daar is alles anders, de poen en de sex,
je gaat er ook heen zonder traveller-cheques.
Maar als er één gaat, roep je nooit 'mag ik mee,'
want ik weet het niet zeker, maar ik heb zo'n idee.


Liefde is enkel "ZIJN

Zeg niet dat je me liefhebt Woorden
zijn broos en klein
Liefde is niet in woorden
Liefde is enkel "zijn".
Liefde is : handen omsloten
volgens één levenslijn.
Liefde is : samen dragen het eigen eenzaam zijn !.
Zeg niet dat je me liefhebt,
al die woorden doen enkel pijn.
Want nooit is liefde in woorden
Liefde is enkel "ZIJN".


Het l

Ik ben de zon, de maan, ik ben de regen,
'k ben onbeschrijfelijk, niet te meten noch te wegen.
Ik ben rivieren, ik ben zeen, bliksem, donder,
ik ben de kleine mens, maar wl het grote wonder.

Ik ben het water en de vruchten en het koren,
het leven dat uit lle leven wordt geboren.
Ik ben het allemaal - de wijze en de zot
en in mijn kleinheid schuilt iets van een Grote God.


Wees gerust

Wees gerust je weet het van tevoren
blijheid wordt uit droefnis geboren
en uit he zand ontspringt de held're bron
in elke regendruppel zit 'n vonkje zon.

    
Wees nu stil

Praat niet
Denk niet
Maar voel de warmte in je hart,
de kracht in je armen,
de helderheid in je geest
de liefde die je uitstraalt
En dan, wanneer ik alles loslaat
Niets meer heb om aan te grijpen
Is er alleen nog maar toekomst


Vriend

je hebt iemand nodig stil en oprecht
die als het erop aan komt voor je bidt of voor je vecht
pas als je iemand hebt die met je lacht en met je grient
dan pas kun je zeggen: 'k heb een vriend

als je iemand hebt die alles met je deelt
de tafel en het bed één die nooit verveelt
als je iemand hebt die al je zorgen heelt
weet je wat dat zeggen wil
weet je wat dat scheelt?

je hebt iemand nodig stil en oprecht
die als het erop aan komt voor je
bidt of voor je vecht
pas als je iemand hebt die met je lacht en met je grient
dan pas kun je zeggen:
'k heb een vriend


Denken
   
Eerst dacht ik: 'niet aan denken',
Dat heb ik toen gedaan,
maar twee seconden later,
dacht ik er tch weer aan.

Nee, zo eenvoudig is dat niet,
want weet je, wat je doet,
je denkt er k aan als je denkt
dat j'er niet aan denken moet.


Genoeg gepraat    

Genoeg gepraat, genoeg beweerd,
ze blijft, dezelfde pijn,
we hebben het mensdom zelf versteerd,
nu moet het pauze zijn.

Een pauze van een jaar of tien
en van volkomen zwijgen,
dan heb je kans dat we misschien
een nieuwe wereld krijgen.

Dan heb je kans dat het ons lukt,
misschien komt alles goed,
als niemand meer een letter drukt
of zeggen zal hoe 't moet.


Pennen    

Pennen kunnen op papier
schreeuwen, vloeken, ketteren,
kunnen ook met veel bravoure
schallen en trompetteren,
maar ze kunnen ook heel zacht
een stil verdriet genezen,
met woorden die je nu en dan
ng es 'n keer wilt lezen.

   
Contact

Heer, dat U zich interesseert voor ieder van ons afzonderlijk
kan ik mij soms niet voorstellen.
Maar af en toe voel ik dat het zo IS.
Dan maakt zich een diepe rust van mij meester.
 

Heer
   
Heer, ik weet niet wat morgen zijn zal.
Evenmin weet ik wat er na dit leven komt.
Zij die Uw liefde kennen
vertrouwen blindelings op Uw bedoelingen.
Geef mij dit vertrouwen, Heer.

   
Als ik weet

Als ik weet dat er een almachtige God is
die mij liefheeft en zich over mij ontfermt,
hoe zou ik dan bekommerd kunnen zijn of ongerust?

   
Eenzaam

Veel mensen zijn eenzaam,
geloof me daar is niets tegen, het mg,
maar kom je ze tegen,
zeg dan op z'n minst even: "dag".

   
Wereld

we weten 't allemaal, 't is er een bende
't is er te eng, en te vijandig en te vol
het is in hoofdzaak grote rotzooi en ellende
op onze groene, blauwe, grijze, grauwe bol

't is haat en nijd, elkaar de pas afsnijden
en door de steden raast een 'rcksichtlos' geweld
maar of we vloeken, vechten, vallen, lachen, lijden
er staan weer altijd boterbloemen in het veld

er zijn nog immer die momenten van vervoering
al lijkt dat bolletje ook ng zo negatief
tussen de puinhoop schemert altijd de ontroering
van mensen die nog zachtjes zeggen: 'k heb je lief
 
   
Impasse

De man was moe, hij zag het leven niet meer zitten,
hij zag zichzelf alleen maar zitten op zijn stoel.
Hij had geen kracht meer om z'n tuintje om te spitten
en kreeg een grenzeloos, vereenzaamd, leeg gevoel.

Toen heeft hij heel lang aan zijn kamerraam gezeten,
alsof hij wachtte op een teken,
een geluid van buitenaf dat hem weer nieuwe kracht zou geven,
maar tevergeefs keek hij er elke dag naar uit.

Zo heeft hij héél lang aan dat stille raam gezeten,
de tuin werd groen en toen weer grijs en toen weer groen,
totdat hij godzijdank tenslotte heeft begrepen
dat er geen teken kwam... dat hij het zelf moest doen.

Uit 'Fluiten naar de overkant'
   
Portret

Ga zitten kind, ik schilder jou
nee, 'k maak het niet te bont,
misschien naast tere tinten blauw
wat roze op je mond.

Laat me met je kleuren spelen
met penselen zacht als zij
en het witte linnen strelen,
tot het kijkt en lacht als jij.

Uit: De Danstent in de Wei

   
Geluk

Geluk is geen kathedraal, misschien een klein kapelletje.
Geen kermis luid en kolossaal, misschien een carrouselletje.
Geluk is geen zomer van smetteloos blauw,
maar nu en dan een zonnetje.
Geluk dat is geen zeppelin,
't is hooguit 'n ballonnetje.

 
Leven
   
Leven mijn leven is oneindig groot
de hele mensheid woont erin
als het alléén mijn leven was
dan had het hoegenaamd geen zin

Geen bal
   

Als de verkiezingen samen zouden vallen met het wk voetballen,
dan zou er van die hele verkiezingen geen bal terechtkomen.


Dag God

Hij schiep het licht
noch traag, noch vlug,
gaf ogen zicht aan mens en mug,
hing sterren op aan het plafond,
'n witte maan 'n rode zon,
nu zit Hij op zijn hemeltroon,
ik zeg: 'dag God',
Hij zegt: 'dag Toon'.


Liefde    

"Liefde is op weg zijn naar jezelf te vinden in elkaar"

   
"Ga nooit weg zonder te groeten.
Ga nooit heen zonder zoen.
Als je het noodlot zult ontmoeten,
kun je nooit meer over doen."


Als je jong bent
    

"Als je jong bent, krijg je nauwelijks de kans om aan de weet te komen wie je bent,
omdat anderen je dat voortdurend meedelen."


Gedichtje
   
Hij schreef een klein gedichtje
het had niet veel om handen
maar het had iets van een lichtje
dat in het donker brandde


Of wonderen bestaan?
   
"Of er nog wonderen zijn
hoe kun je zoiets vragen
kijk naar mijn tuin van leeg naar vol
in amper zeven dagen"


Reclame
   
Soms heeft reclame iets van een arrogant soort bedelaar.

 
Sterren    

"Ik ken mensen die geen vonkje licht verspreiden,
maar die wij toch sterren noemen."

 
Bomen    

Bomen als ik de bomen zie gemaakt van hetzelfde leven maar dan met stam en tak en twijgen als ik de bomen zie dan luister 'k altijd even naar hun fantastisch zwijgen ik heb de storm zien

komen hij sloeg ze half kapot verstild zag ik ze dromen of dansen, zomerzot ik zag hun angstig beven in donker en in licht en zie mijn eigen leven in hun verweerd gezicht
 
Het Leven
   
Het leven stoot je om en helpt je op, als een horzel steekt het je en het streelt je als je geliefde
Het versiert je huis met de guirlandes van het voorjaar en het doet je vluchten voor de kou
Het jaagt je angst aan in het holst van de nacht en zegent je met de heldere genade van het morgenlicht Het vult je hart tot aan de rand met blijdschap en doet je schreien als een kind
Het rumoert in je met haar zinnelijke bombardon en het fluistert je een schietgebedje in als je aan sterven toe bent
O wonder dat ik onnozele dit grandioze leven leven mag

Lachen    

"Als je om bijna niets lacht, ben je echt aan het lachen"

 
Pet    

"Er gaat meer boven je petje dan eronder"


Gevoel    

Gevoel voor humor begint bij gevoel voor verdriet

Ongehoord
   
Wat ik niet zeggen kan en niet kan schrijven
zal ergens diep in mij toch bij me blijven
Ongehoord maar in een lieve duisternis
verbergt zich iets dat meer dan woorden is

Kiezen    


Je zal ooit moet kiezen, voor waarheid of voor schijn.
Want je kunt jezelf verliezen, door nooit jezelf te zijn. 


 

k Ben n druppel van de regen 
en n korrel van t zand
k ben n vonkje van t zonlicht
en n kluitje van t land

k ben n nootje van Sinatra
en n kleurtje van Van Gogh
k ben n plukje van de glorie
en n schijfje van t bedrog

k ben n schepje van de bergen
en n plakje van t dal
k ben n deel van alle leven
k ben n kind van t heelal

Uit: Toon Hermans - 80 gedachten


Zoektocht

Ik heb gezocht,
gevonden en verloren
en weer opnieuw gezocht
totdat ik het weer vond
een mens wordt zoveel meer
dan eens geboren
en voor wie zoekt is op n dag
de cirkel rond
 
Uit: Toon Hermans - 80 gedachten


Pennen

pennen kunnen op papier
schreeuwen, vloeken, ketteren
kunnen ook met veel bravoure
schallen en trompetteren
maar ze kunnen ook heel zacht,
een stil verdriet genezen
met woorden die je nu en dan
ng es een keer wilt lezen.


Bloemen.

dat ik de bloemen zie zo blij en bont
komt door de kleuren op de achtergrond
daar staan verdriet en armoe
al de sores van mijn leven
zij hebben aan de bloemen
kleur en glans gegeven.


Zomaar

Ik kan me dagenlang verstrooien
met n blocnote en een pen,
met gemijmer over leven,
over wie en wat ik ben,
maar mijn povere gedachten,
stijgen op als een ballon,
als ik zomaar zit te zitten
in het gras en in de zon.

Ik kan dagen, soms zelfs nachten
denken over s levens lot,
over hopen en vertrouwen,
over liefde, over God,
maar het gekke is, ik voel me
altijd dichter bij de bron,
als ik zomaar zit te zitten
in het gras en in de zon.

 
Zee.

Ik wil alleen zijn met de zee,
ik wil alleen zijn met het strand,
ik wil mijn ziel wat laten varen,
niet mijn lijf en mijn verstand.

Ik wil gewoon een beetje dromen
rond de dingen die ik voel
en de zee, ik weet het zeker,
dat ze weet wat ik bedoel.

Ik wil alleen zijn met de golven,
k wil alleen zijn met de lucht,
ik wil luistren naar mijn adem,
ik wil luisteren naar mijn zucht.

Ik wil luistren naar mijn zwijgen,
daarna zal ik verder gaan
en de zee, ik weet het zeker,
zal mijn zwijgen wel verstaan.
 

Liefde.

Ik was verbaasd, verliefd, verrukt,
ik heb je als een bloem geplukt.
Eeuwig zul je bloeien want
ik heb je in mijn ziel geplant.


Liedje.

Een dag zonder jou
is een tuin zonder bloemen,
een dag zonder jou
kun je geen dag meer noemen,
een dag zonder jou
is een dag zonder licht
en drom is zon dag
geen gezicht.

Het huis is leeg en koud
als ik je stem niet hoor,
de tafels, de stoelen en het bed,
het stelt geen moer meer voor,
een boom zonder takken,
n hemel zonder blauw,
mn lief, dat is een dag
zonder jou.


Een

Als je echt van iemand houdt
Iemand alles toevertrouwt
Een die echt weet wie je bent
Ook je zwakke plekken kent

Die je bijstaat en vergeeft
Een die naast en in je leeft
Dan voel je pas wat leven is
En dat liefde geven is.


Doodgewoon.

het doet je goed eens aan de dood te denken
je dagen worden er wat duidelijker van
je dient te weten dat geen mens voor je kan leven
maar ook dat niemand anders voor je sterven kan.

ik spreek er 's avonds wel eens over met de kind'ren
of 'k maak 'n grapje met de dood, het kan geen kwaad
als j' overpeinst waar je tenslotte komt te 'liggen'
dan weet je af en toe wat beter waar je 'staat'.

 
Overpeinzing van Toon Hermans.

Waarom glimlachen wij als we naar een baby kijken?
Misschien wel omdat we dan iemand zien zonder al die beschermende lagen, iemand van wie we weten dat haar glimlach volkomen echt en argeloos is.
En die baby-ziel in ons glimlacht weemoedig bij de herkenning daarvan.


Ze heeft van die armpjes, zo lief en zo warm
die mij voor geen greintje doen denken aan arm
Ze heeft van die voetjes zo trippelend licht
Ze heeft van die lachjes als van een gedicht
Ze heeft van die handjes nog zachter als zij
Ze heeft van die oogjes, zo stralend en blij,
Ze heeft wat je noemt, nu al "vive la vie"
, mijn kleinkind heeft alles "van die"


'n Beetje

Sterven doe je niet ineens,
maar af en toe een beetje
en alle beetjes die je stierf,
t is vreemd, maar die vergeet je,

het is je dikwijls zelfs ontgaan,
je zegt ik ben wat moe,
maar op een keer dan ben je aan
je laatste beetje toe.


Als de liefde niet bestond

Als de liefde niet bestond
Zullen ze stilstaan, de rivieren
En de vogels en de dieren
Als de liefde niet bestond

Als de liefde niet bestond
Zou het strand de zee verlaten
Ze hebben niets meer te bepraten
Als de liefde niet bestond

Als de liefde niet bestond
Zou de maan niet langer lichten
Geen dichter zou meer dichten
Als de liefde niet bestond

Nergens zouden bloemen staan
En de aarde zou verkleuren
Overal gesloten deuren
En de klok zou niet meer slaan

Als de liefde niet bestond
Dan was de hele vrijerij bedorven
De wereld was gauw uitgestoven
Als de liefde niet bestond

Als de liefde niet bestond
Zou de zon niet langer stralen
De wind zou niet meer ademhalen
Als de liefde niet bestond

Geen appel zou meer rijpen
Zoals eens in het paradijs
Als wij elkaar niet meer begrijpen
Dan is de wereld koud als ijs

Ik zou sterven van de kou
En m'n adem zou bevriezen
Als ik je liefde zou verliezen
Er is geen liefde zonder jou


Als ik

Als ik alleen maar was
Een kop op een karkas
Had mijn bestaan geen zin
Goddank er zit iets in

Ik weet niet hoe het heet
Een ziel? een kern? een pit?
Mijn moeder zei:"'t is God
Die ergens in ons zit..."

Maar soms voel 'k me zo leeg
En onze lieve Heer
Van wie mij werd verteld
Vind ik dan nergens meer

Maar als ik op een dag
Wat naar de bloemen kijk
Dan denk ik telkens weer..
Mijn moeder had gelijk!


Verder

Verder van de wereld weg
elke dag een beetje
dichter naar de hemel toe
Elke dag een treetje


Dank U

Ik heb gehuild, gelachen en gevochten
Ik lag in warme bermen en in gladde bochten
Ik hief het glas, het viel in duizend scherven
Ik wist de grijze hemel
Toch weer blauw te verven
Ben blijven pogen
Al verbranden al mijn schepen
Ik heb gebaald, gefaald
En heb hem vaak geknepen
Er was applaus en ik werd heftig uitgefloten
Maar als ik ga dan zeg ik Dank U
Ik heb genoten


Je hebt iemand nodig

Je hebt iemand nodig
stil en oprecht
die als het er op aankomt,
voor je bidt en vecht
Pas als die iemand
met je lacht en grient,
dan pas kan je zeggen...
"Ik heb een vriend"

Hommelrijm

Laatst vroeg ik aan een hommel:
'waar gaat gij heen met spoed?'
ze zei: 'ik ga naar Zaltbommel,'
ik dacht: 'wat rijmt dat goed'

toen riep een tweede hommel:
'en ik moet naar het Gooi',
ik dacht: 'wel-voor-de-drommel
ook dt rijmt wederom mooi.'

uit 'Dan heb je geluk' van Toon Hermans (1916-2000)


Liefde

liefde is...alles begrijpen van elkaar zonder iets te zeggen.
liefde is...alle ruzietjes weer snel bijleggen.
liefde is...naar elkaar luisteren en elkaar vertrouwen,
maar het allerbelangrijkste van liefde is om van elkaar te houden!


Politiek

Politiek is handjes drukken,
dreigen, sjoemelen en bukken,
katten uit de bomen kijken,
overreden, over-lijken,
schipperen of schaakmat zetten,
lange speeches, korte metten,
witte voetjes, pan uit vegen,
passen, meten, wikken, wegen,
lachjes, dansjes, Judas-kusjes,
loeren draaien, dooie musjes,
veel beloven, vleien, paaien,
de kunst om om iets heen te draaien,
dr is geen liefde, regelrecht,
en daar is alles mee gezegd.


Verzinnen

Ik heb in de zomer bomen verzonnen
van goud met zilveren belletjes
en kronen op hun kruin met diamanten
die schitterden in de zon.

In de winter heb ik prachtige paarden gemaakt
van vers gevallen sneeuw
en zij draafden over de bergtoppen
en dansten in het dal met wapperende sneeuwmanen
en zwierige staartguirlandes.

Ik heb in de herfst vuur aangestoken
in vlammend vermiljoen blad -
en zilveren regens joeg ik over het platteland -
en de zotte pijpenstelen
braken in goddelijke gruzelementen
en rolden door polders en winkelstraten

en in de lente heb ik licht opgericht
van het lichtblauw van kinderogen -
z helder... z nieuw -
dat iets zo nieuw kon zijn
heb ik nooit geweten
en tch bleef de leegte...
omdat ik haar niet verzinnen kon.


De Merel

 
Het zal vier uur in de middag geweest zijn.
Ik ging de lege kerk binnen en wist niet wat ik hoorde.
In de hoge devote stilt van het oude  godshuis zong een merel.

Waar hij precies zat in de hoge gewelven kon ik niet zien, maar wat hij zong viel onuitsprekelijk mooi, woord voor woord in de serene ruimte.
Eigenlijk was ik onmiddellijk met stomheid geslagen.
Ik hield m 'n adem in en luisterde met alles waarmee ik maar luisteren kon.

Niet eerder heb ik in een kerkgebouw een stem z duidelijk iets over God horen zeggen.
Dit gezang had het pure van het hemelse.
Dit kleine gezang had had het allesomvattende,
het waarachtige van de waarheid.
De echo van de schepping galmde onder de eeuwenoude bogen.

Toen ben ik gaan zitten. Stil en ontroerd.
Hoe kunnen klanken zo diepzinnig zijn?
Zo vervuld van liefde, zo veelzeggend?
Hoe schamel zijn dan onze woorden die wij zo berekenend afwegen.
Hoe leeg is wat wij zingen en zeggen over God.

 
Ik moet eerlijk bekennen dat ik ook niet lang heb nagedacht over wat ik hoorde, omdat ik liever dan erover te denken, wilde luisteren naar de stilte die gezang geworden was en mij zo diep van binnen raakte.


Uit: Toon Hermans - Het water is heerlijk






DE ZEE

Als ik de zee zo zie
zo soepel en flexibel
hoe zij zich ongeremd
laat gaan in elke wiebel

hoe zij zich, sapristie,
ontspant in elke druppel
dan ben ik, potverdrie
toch maar n stijve knuppel.


BLIJVEN

Ik heb het leven niet bespied,
niet tegen het licht gehouden
ik danste wat en zong een lied
en als k mn handen vouwde
werd wat gebroken was weer heel
en ik kon weer liedjes schrijven
ik bad dan; Heer, ik weet niet veel
maar laat t maar zo blijven.


JAREN

Ik heb mij wel eens afgevraagd:
ben ik hier zo maar
tot aan een bepaalde dag,
tot aan een bepaald uur
en houdt dan alles plotseling op?
Dat heb ik wel eens gedacht,
jawel, een uitzichtloze gedachte.

Als ik mijn ogen sluit,
houdt dan alles op?
Waren die handvol jaren
de bedoeling van mijn hele bestaan?

Als je er even dieper over denkt,
voel je ineens
dat er méér is:
dat de God van hemel en aarde
met zijn kostbaarste
en meest geliefde schepsel
andere bedoelingen heeft,
dan alleen luttele jaren leven op een aarde
waar vrijwel altijd
onvrede en tegenstrijdigheid heerst.

Toon Hermans - Gebedenboekje


 

De regenboog.

Ik denk maar, altijd als ik zachtjes ween
Er is een zee, daar stromen alle tranen heen
En door mijn raam zie ik de lieve regenboog
"weer veel verdriet, vandaag", de zee staat hoog

 

en de tranen die ik lach om m'n pleziertjes
ze bigg'len door het land in dartele riviertjes
en door mijn raam zie ik de lieve regenboog
"weer veel plezier, vandaag" zo op het oog.

Uit: Liggen in 't gras