Op verkenning in Bussum - op zoek naar herinneringen aan Walden

Op verkenning in Bussum naar de resten
van het ‘Walden’ van Frederik van Eeden
 
 
 
Een paar jaar geleden werd ik gebeld door iemand die zich voorstelde als journalist voor het cultureel hoogstaand tijdschrift, Hollands Diep - tijdschrift bestaat intussen niet meer -  en die voor dat blad een artikel wilde schrijven over Frederik van Eeden en Walden.

Via Spirituele Vrienden had hij mijn grote belangstelling voor Frederik van Eeden ontdekt en vroeg me om een gesprek.

Natuurlijk was ik daar meteen voor de vinden. Het toeval wilde dat we net op de dag na dit telefoontje onze jaarlijkse voorjaarsbijeenkomst zouden hebben – met het Frederik van Eeden Genootschap – in Amsterdam. Dit vertelde ik aan Joris van Casteren, de journalist, en tipte hem dat het wellicht nuttig zou zijn voor zijn artikel om daar ook even zijn neus te laten zien. Iets wat hij inderdaad ook  deed. Zo kenden we elkaar dus al een klein beetje voor hij me in Sneek kwam opzoeken. Het werd een uiterst boeiend gesprek van meer dan twee uren, waarin ik mijn hart kon ophalen aan vertellen over Frederik van Eeden en alles wat me zo boeit en intrigeert in deze te weinig gewaardeerde, en vooral bij de jeugd helaas bijna vergeten, auteur.

Een leuke bijkomstigheid was dat ik werd uitgenodigd om een dagje op verkenning te gaan naar Bussum om daar te speuren naar wat er nog is overgebleven van Walden. Dit in gezelschap van Elsemarie van Eeden - kleindochter van Frederik van Eeden,  Arnold – voorzitter van het Genootschap, en natuurlijk Joris - onze journalist en Joost - een persfotograaf.

Het werd een spannende, boeiende en ook wel ontroerende dag.
 
                    

 
 
           
 
 
 
Aan de hand van mijn foto’s neem ik jullie een stukje mee op deze ontdekkingstocht

We hadden afgesproken op de Nieuwe ’s Gravelandseweg, nr 86, waar de Lelie staat – het grote huis dat in 1899 werd gebouwd door Willem Bauer voor het gezin Van Eeden: Martha, Frederik en hun beide zoons: Hans en Paul.

We wilden het graag van dichtbij bekijken, maar op ons bellen werd helaas niet opengedaan.

Doch, niet voor één gat te vangen, we waren immers op avontuur, ontdekten we  naast dit eigendom een hek waar we best doorheen konden en dat deden we. Vanaf het lange brede, met bladeren bezaaide pad konden we door het gaas van de afsluiting toch een blik werpen op het huis en zelfs enkele plaatjes schieten.
 
 
 
                      
 
                                   de tribune van de vroegere renbaan
                     
 
 
In de verte zagen we een gebouw en we besloten verder te lopen op het pad. Joris en Joost waren ons een eindje voor en we zagen hen staan praten met een man – een tuinman, dachten we – en daar dit gesprek er nogal geanimeerd uitzag haastten we ons ook verder. Het bleek niet een tuinman te zijn maar de tuinierende eigenaar van de prachtige tuinen met woonst.
Al snel hadden we ons voorgesteld en wisten we dat deze villa niet bij Walden had behoord, maar er wel zowat tussenin had gelegen.
Het betrof  het jockeyhuis en de voormalige stallen van Renbaan Cruysbergen,  de enige restanten uit de hippische bloeitijd.

Via google vond ik deze uitleg: Op een uitgestrekt bosachtig terrein ligt het jockeyhuis, de voormalige herensociëteit van de vroegere draf- en renbaan in Bussum. Jurriëns heeft dit jockeyhuis gerestaureerd en door middel van een interne verbouwing getransformeerd in een moderne woning met een bijzonder karakter. Aan de hand van oude tekeningen en foto’s is het object in oude staat hersteld. Hoogtepunt was het opnieuw opbouwen van de gerenoveerde klokkentoren.

En in de Naarderkoerier: Een onbekend stuk Bussum vormt het Mobilisatiecomplex aan de Nieuwe ’s Gravelandseweg (vlakbij de Franse Kampweg). Het Ministerie van Defensie bouwde in de vijftiger jaren middenin de Koude Oorlog - hier een tiental gebouwen. De betonnen blokkendozen waren omgeven door een hoog hekwerk en werden streng bewaakt door gewapende manschappen met honden. Over de inhoud van de geheimzinnige loodsen werden geen mededelingen gedaan. Landsbelang.

De locatie waar dit voormalige staatsgeheim gevestigd is heeft een kleurrijke historie. Aan het eind van de negentiende eeuw werd hier op een deel van het landgoed Cruysbergen een paardenrenbaan aangelegd. Een prachtige tribune en enkele even mooie gebouwen (stallen, een jockeyhuis, een wedkantoor, een starttoren en een muziektent) werden er later bijgebouwd. De renbaan zelf is verdwenen, maar twee van de gebouwen zijn nog aanwezig.


Bron:
Historische Kring
Bussum
Huizerweg 54 - 1402 AD Bussum

 
 
 
 
 
We werden zeer vriendelijk ontvangen en kregen meteen veel informatie die wellicht later nuttig zal zijn voor plannen van Het Genootschap die alleen nog maar in een zeer pril beginstadium verkeren en waarover ik dus nog niet kan uitweiden. Daar het een zeer warme lentedag was werden we uitgenodigd om even op het terras te komen zitten en werden we verwend met een drankje en een schaal heerlijke paassnoeperijen.

Het was zo gezellig dat we eigenlijk veel te lang bleven zitten. Er stond immers nog veel meer op het programma.

 Hier is het
 
 
 
 
Omdat Elsemarie en ik niet zo goed ter been zijn, waren de ‘jongens’ zo attent om de auto’s op te halen en ons op te pikken zodat we niet hoefden te lopen tot het hoofddoel van onze exploratie: een bezoek aan de schrijvershut van Frederik van Eeden die nog helemaal in de staat van toen is bewaard, en het huisje dat in 1899 voor Truida Everts – de latere tweede echtgenote van Frederik en grootmoeder van Elsemarie – werd gebouwd door Willem Bauer. In 1907 scheidde Frederik van Martha en trouwde met Truida. Van 1913 tot 1915 verbleef ook Frederiks moeder hier en werd hier verpleegd.

Bij een groene schutting bellen we aan en worden binnengelaten door de huidige bewoonster.

Momenteel wordt het huisje bewoond door mevrouw De Graaf-Cramer. Zij zorgt ervoor om alles in zo origineel mogelijke staat te bewaren, al zijn er natuurlijk binnenshuis ook moderne voorzieningen aangelegd.
 
     
schets voor het huisje van Truida 
    Free en Truida voor het huisje
   
het huisje nu 
   
     
 de hut 
  Free voor de deur van de hut 
   
 
Een eindje achter het sprookjesachtige huisje, in groen en wit, staat de originele schrijvershut van Van Eeden – de hut stond oorspronkelijk vlak bij de Lelie maar werd later verplaatst.

Deze hut is vrijwel volledig in de oude staat bewaard en een brandend kacheltje, zelfs op deze warme dag, zorgt ervoor dat de hut vochtvrij blijft. Overal hangen lijsten met oude krantenberichten en foto’s van Van Eeden en ook de kleine uitbouw is er nog, met de schrijftafel waar Frederik vaak heeft zitten schrijven, onder meer aan ‘De Koele Meeren des Doods’. Zijn dagboeknotities staan vol met verwijzingen naar zijn verblijf in deze hut, zelfs ’s nachts.[1] Het is zeer bijzonder voor ons om nu zelf ook in deze hut te zijn.  Naast de deur hangt een goed gelijken kleibeeldje van de oorspronkelijke bewoner.

Het huisje van Truida en de hut staan in een prachtig groene omgeving met al bloeiende rododendrons en eeuwenoude bomen. Ik had er best een vakantie willen doorbrengen.  

Ook hier bleven we uiteindelijk langer praten en kijken dan we van plan waren geweest. Maar eigenlijk maakte dat ook niet zoveel uit. Het was een heerlijke belevenis.

[1] Dagboeknotitie: vrijdag 5 augustus 1898
In de hut op Walden. Goed weer. Nog niet warm. Ik word gestadig beter. Het beantwoordt alles hier aan mijn bedoelingen. Ik leef hier rustig en eenvoudig en voel mij dagelijks gezonder en vrediger. Geen slechtheid meer in me. Afstand van al die kleine prikkels. Alleen goede lectuur. Geregeld werk. Ik schrijf nu aan mijn roman v Koele Meren des Doods. En aan de vierde zang van S. en W. En een verzoekschrift aan de Koningin dat ze geheelonthoudster moet worden. Min of meer ironisch. Martha en de kinderen in Noordwijk. Ik zie alleen patiënten. Van nacht een heldere droom, maar niet zeer helder.
 
 
               
 
 
 
 
 
 
               
 
 
 
                                                                                           detail van het bovenraam met embleem van de kartonfabriek
 
 
We hadden vernomen dat er van de vroegere bakkerij van Walden nog originele deuren zijn bewaard en dat deze verwerkt zijn in de gebouwen van de enorme winkelzaak ‘Hocras’.  Deze zaak staat – samen met een grote Hema – op het terrein waar in de tijd van Walden ‘villa Groot Cruysbergen’ heeft gestaan. Dit was eertijds het hart van de kolonie Walden. Meerdere gezinnen en vrijgezellenbewoners van Walden woonden hier en vanaf 1907 ook Frederik met Truida.

Op het terrein stond lange tijd de kartonfabriek Van Meurs die echter in 1970 afbrandde, met inbegrip van de villa.

Bij de balie van Hocras kregen we toestemming om de deuren te gaan bekijken en fotograferen.

En daarmee eindigde onze zoektocht naar Walden
 
 
Diavoorstelling