Karma en Reincarnatie - Een lezing van Hans Stolp


LEZING VAN HANS STOLP
"Karma en Re´ncarnatie"

Organisatie: Stichting 't Pand, Partycentrum van der Wal, Sneek 22 januari 2003
 
 
 
Juist vandaag las ik iets wat ik al eens eerder gelezen had van Edgar Cayce, de slapende profeet en hij vertelde over een man die geleefd had in de Middeleeuwen. En in dat leven was hij ter kruistocht gegaan, en dat was in die tijd een jarenlange tocht. Maar toen hij wegging vertrouwde hij het niet om zijn vrouw zomaar achter te laten. En dus heeft hij haar voor hij wegging een kuisheidsgordel aangemeten en het sleuteltje van die kuisheidsgordel mee op reis genomen, zodat hij zeker wist dat ze niet vreemd zou gaan. In dit leven is hij, of was hij, impotent, en vanwege die impotentie was hij bij Cayce gekomen. En hier krijg je een prachtig voorbeeld van de wet van karma, wat je een ander aandoet, dwingt om geen intiem contact met anderen te hebben, dat zal je ook zelf worden aangedaan. Er zijn zo ontzettend veel leuke voorbeelden van karma maar ze zijn altijd leuker in het leven van een ander dan van jezelf. Over al die karmische toestanden gaan we het vanavond een beetje hebben. Het is wel een boeiend thema. Zo'n twintig jaar geleden was het hier in Nederland zo dat gemiddeld vijf procent van de Nederlanders iets kon met die begrippen 'karma' en 're´ncarnatie'. En daar dan ook iets mee had. Nu, twintig jaar later is dat percentage van vijf gestegen tot meer dan vijftig. Meer dan de helft van de Nederlanders leven op een of andere manier met karma en re´ncarnatie. Als je dat alleen al tot je door laat dringen dan besef je dat er zich op dit gebied een behoorlijke geestelijke revolutie heeft afgespeeld. Want heel massaal zijn we heel anders gaan kijken, heel anders gaan geloven en heel anders ook naar onszelf gaan kijken. En dat mag je bij uitstek een geestelijke revolutie noemen. Er dus ook alle reden om je op deze begrippen te bezinnen.

Dus allereerst maar eens even die termen: wat is re´ncarnatie eigenlijk. Het woord betekent letterlijk: weer in het vlees komen. Re- in- carnatie- komt van caro - dat vleselijk lichaam betekent. Dus weer in het lichaam komen. En de achtergrond daarvan is, dat zowel ik maar ieder van jullie, is hier al eerder op aarde geweest. En waarschijnlijk wel veel vaker dan één keer. En we zullen elkaar ook in een volgend leven wel weer tegen komen want de banden die eenmaal gesmeed zijn, die gaan meestal ook in volgende levens wel door. Kortom, dit leven hier op aarde is gewoon een aflevering uit een veel langer durend feuilleton. Het jammere is alleen dat de meesten van ons nauwelijks herinneringen hebben aan vorige incarnaties. Ik weet alleen niet of het jammer is, want als je geboren zou worden en je zou weten dat je in het vorige leven iemand vermoord had dan begin je in dit leven met een aardige ballast. Of als je nu in een eenvoudig milieu geboren bent, en je weet dat je in een vorig leven prinses van Sheeba was, dan is dat wat moeilijk te verwerken, die abrupte overgang.

Kortom, van dat niet herinneren wordt vaak gezegd dat het eigenlijk een genade is dat je het niet meer weet. Want daardoor kun je nu heel vrij en onbelast aan dit leven beginnen. Karma is een Sanskriet oftewel Oudindisch woord, komt dus voort uit de oosterse traditie en met karma wordt bedoeld: alles wat ik zeg, alles wat ik verzwijg, wat ik doe, wat ik nalaat, de manier waarop ik leef, dat alles bepaalt mijn volgende leven. Boeddha heeft een keertje gezegd:" wil je je huidige leven begrijpen, en zou je ook iets meer willen weten van je vorige levens, hoe dßt nou in elkaar zat, dan hoef je alleen maar te kijken wat er in dÝt leven gebeurt", en als je daar goed naar kijkt, dan kom je er vanzelf wel achter wat er in vorige levens allemaal gebeurd moet zijn. Karma is, wat ik in een vorig leven heb opgeroepen aan waarden, aan gevolgen van mijn handelen in dßt leven, en in dÝt leven krijg ik dus te maken met de gevolgen van mijn vorige levens. Is karma en re´ncarnatie te bewijzen? Is het te bewijzen dat het bestaat? Ja en nee. Niet in die zin dat je er sluitende wetenschappelijke bewijzen voor kunt geven. Zover zijn we misschien nog niet. Aan de andere kant, er is met name in Amerika nogal veel onderzoek gedaan naar herinneringen van kinderen aan vorige levens en daar zijn fascinerende en frappante gegevens op tafel gekomen. Jonge kinderen, van 2-3 jaar, met name uit de oosterse traditie moet ik zeggen, maar ze komen ook in de westerse traditie voor, die heel onbevangen vertellen, kinderen van twee, drie:'ja, toen ik bij een andere mama leefde was dat in een hele grote stad, en de naam was zo en zo, en het straatje heette dat en dat', enz.. en Stevenson is die herinneringen van die kinderen zeer nauwkeurig gaan uitzoeken aan de hand van allerlei oude papieren, oude bestanden enz. en in de meeste gevallen bleken die herinneringen van die kinderen feilloos te kloppen. Er had zo'n straat in die en die stad bestaan en er had een zodanig gezin geleefd dat zo en zo was samengesteld enz. enz. Vaak bleken ook de namen die deze kinderen van twee en drie jaar zich herinnerden, feilloos te kloppen. Er zijn dus langzamerhand aardig wat gecontroleerde herinneringen aan vorige levens. We weten ook wat uit vorige levens door wat zieners, heldervoelenden, helderwetenden, helderzienden ons hebben doorgegeven.

Ik begon met Edgar Cayce, de slapende profeet uit Amerika en Edgar Cayce heeft in de loop van zijn leven duizenden mensen geholpen met hun levensvragen en hun levensproblemen, en hij deed dat doordat hij een inzicht kreeg in hun vorige levens. En kreeg te zien hoe de vragen en de problemen van het huidige leven precies samenhingen en voortkwamen uit die vorige levens. En zo zijn er vele helderzienden, heldervoelenden, die ook op die manier bewijs hebben aangedragen. In regressietherapie, en dat kun je ook hier in Nederland, bij heel veel regressietherapeuten doen, ook in regressie komen heel wat gegevens over vorige levens naar boven. En bij sommige onderzoeken blijken die spontane herinneringen aan vorige levens ook qua feiten perfect te kloppen. Karma en re´ncarnatie is bovendien het geloof, als je het al een geloof kunt noemen, waar het merendeel van de mensheid al vanuit gaat. Het is eigenlijk zo dat wij alleen hier in het westen, Europa en Amerika, in de laatste tweeduizend jaar het besef van karma en re´ncarnatie zijn kwijtgeraakt en dat we het nu hier eindelijk weer beginnen terug te vinden. Maar het was iets wat in heel de wereld bij alle culturen bekend was. Tegenwoordig hoor je vaak hier in Nederland en West-Europa en Amerika, mensen zeggen:" voor mij spreekt het vanzelf dat er vorige levens zijn, ik hoef het niet bewezen te hebben want ergens weet ik van binnen heel diep, dat het waar is." Ik begon even met vertellen dat in onze tijd hier in Nederland het percentage van vijf naar meer dan vijftig gestegen is van mensen die ervan overtuigd zijn geraakt. Maar die mensen zijn niet bekeerd door anderen, er is geen zending bedreven, maar op de een of andere manier waren er heel veel mensen die bij zichzelf vonden hé, op de een of andere manier als ik naar binnen kijk, voel ik dat karma en re´ncarnatie en het besef van vorige levens voor mij vanzelf spreekt. En eigenlijk is het voor mijzelf ook zo gegaan. Ik ben niet opgevoed met karma en re´ncarnatie. In een gereformeerd gezin kreeg je dat in vroeger tijden bepaald niet te horen.

Ik weet wel toen ik een moeilijke periode in mijn leven doormaakte, en dan loop je altijd maar na te denken, waarom is het nou gegaan zoals het gegaan is, had het niet anders gekund, ik denk dat iedereen dat wel kent, en op een gegeven dag liep ik weer thuis zo te mijmeren en na te denken, driftig in mezelf, en ineens klonk er een innerlijke stem die tegen me zei:" Hans, daar heb je zelf voor gekozen." Ik zal het moment nooit vergeten, ik zal die stem ook nooit vergeten. Want zodra die stem van binnen klonk wist ik ergens: die stem heeft gelijk, ik denk dat ie gelijk heeft. En ik kwam er ook niet meer onderuit, en toen ik erover nadacht, over dat stemmetje, toen voelde ik, ja, dit heeft alles te maken met karma en re´ncarnatie en met vorige levens. En nu ineens weet ik, eigenlijk heb ik altijd al gedacht in karma en in re´ncarnatie, alleen ik heb het me nooit bewust gemaakt. Op dat moment werd ik het me ineens bewust, voel je? En dan heb ik meteen wat voor mij het allerbelangrijkste is bij karma en re´ncarnatie en dat is dit :dat ik ga beseffen dat alles wat ik meemaak in mijn eigen leven dat kan ik niet anderen verwijten, ik kan niet anderen de schuld geven, en ik kan niet roepen, die schoft, dat en dat..is er gebeurd maar als ik eerlijk ben moet ik naar mezelf kijken en tegen mezelf zeggen:" Hans, op de een of andere manier heb jij zelf voor deze levensles gekozen. Op de een of andere manier had je deze les dus nodig." Geef dus de schuld niet aan anderen, probeer niet het slachtoffer te spelen, maar kies voor je eigen verantwoordelijkheid en aanvaardt deze levensles en haal dan de winst eruit die er in die levensles voor je verborgen ligt. Karma en re´ncarnatie, als je er goed mee om gaat, ik zou bijna zeggen, het maakt je in één klap volwassen, want je kan niet meer achter de brede rug van slachtofferschap, van zieligheid of wat dan ook, wegkruipen. Maar je hebt tegen jezelf te zeggen, ja op de een of andere manier weet ik dat ik dit nodig had. En dat ik er ergens zelf voor gekozen heb. Niet makkelijk hoor, heel moeilijk zelfs, maar toch, als je zˇ met je eigen leven leert omgaan, haal je er wel de grootste winst uit die erin zit.

Bijna alle mensen die nagedacht hebben over karma en re´ncarnatie die zeggen ook, en dat spreekt mij ook zeer aan: "alleen als je uitgaat van karma en re´ncarnatie dan kan het leven een zekere rechtvaardigheid krijgen. Als er maar één leven bestaat, hoe kan het dan dat sommigen na één dag of na één jaar of na twee jaar sterven en dat anderen oud mogen worden. En dat de één een heel fijn leven krijgt en de ander die lijkt voortdurend in het hoekje te zitten waar het leven hem of haar klem lijkt te zetten. Als je zo naar de buitenkant kijkt en je gaat uit van maar één leven, dan lijkt het leven ongelooflijk onrechtvaardig. En dan kom je ook bij die vraag uit die mij ook heel vaak gesteld is:" hoe kan God het nou in vredesnaam toelaten en hoe kan God het in vredesnaam hebben uitgezocht ." Ja, maar God heeft het niet uitgezocht. Wij worden alleen maar in ons eigen leven geconfronteerd met de gevolgen van wat we in vorige levens hebben uitgespookt, niets meer en niks minder.

Je kunt dus, net zomin als je anderen de schuld mag geven van jouw ellende, net zomin kun je God de schuld geven van alle ellende. Want dit leven is onze eigen heel persoonlijke consequentie. Voel je? Daar heb ik eigenlijk meteen de kern van karma en re´ncarnatie te pakken. Hoe gaat dat dan eigenlijk? Als je nou weer weggaat, en we komen weer terug, hoe werkt dat dan? Nou, daar kan ik uren over vertellen, en dat wil ik nu heel kort doen, en het is natuurlijk te kort, maar even om het een beetje voelbaar te krijgen. Als we sterven trekken we eerst dÝt jasje uit, en dan gaan we de geestelijke wereld binnen, en we gaan daar beginnen aan de mooie reis naar de wereld van het licht. Dat kan ook echt een mooie reis zijn. Dat hoeft helemaal niet triest of ellendig te zijn, integendeel. Daar, in die geestelijke wereld trekken we op een zeker moment ons tweede en derde jasje uit, ons geestelijk lichaam. En wat dan over blijft is de goddelijke kern die we eigenlijk zijn. Als we daar ook dat geestelijke jasje uittrekken dan trekken we ook het jasje van ons ego uit, en als ik het jasje van mijn ego uittrek, hŔ, hŔ, dan wil ik ook af van dat gedonder van mijn angst, teleurstelling, verdriet, onzekerheid, noem maar op. En wat dan overblijft, is een heel diep, fundamenteel vertrouwen om volkomen liefde, om volkomen open te gaan. Voel je, dus de reis terug, eerst dit lichaam uittrekken, dan het tweede jasje uittrekken, en dan stralend licht in de lichtwereld worden. Maar ja, als we dat geestelijke jasje uittrekken, dat egojasje, je zou bijna kunnen zeggen we hangen het daar in de geestelijke wereld aan de kapstok. Waar het op ons blijft wachten tot we weer terug willen. Want er blijven nog wel wat levenslessen die nog niet klaar zijn, om af te maken. En al die levenslessen blijven daar keurig wachten, maar die nemen we niet mee de lichtwereld in, want als we die zouden mee nemen dan zouden we ook daar weer bestuurd worden door onzekerheid, angst, en wat allemaal niet, begrijp je? Dus het blijft in die tussenwereld wachten. Dalen we op een gegeven moment weer af naar de aarde dan trekken we eerst weer een nieuw geestelijk lichaam aan, en we pakken dat papiertje waar alles nog op staat wat we nog te doen hebben, dat halen we van de muur af en we nemen het mee naar beneden en we gaan opnieuw een lichaam in de moederbuik binnen en we beginnen heel vrolijk aan een nieuw leven, of minder vrolijk. Je hebt ook huilbaby's die minder vrolijk aan dit leven beginnen, bijvoorbeeld.

Later, bij die weg van afdaling naar beneden, waarbij je dus verandert van een alleswetend en een ontzettend liefdevol lichtwezen naar de beperktheid van een ego -mens op aarde, nou bij die afdaling gaan we door het bad van vergetelheid. Al gaande komt er een soort sluier over ons weten heen en als we dan hier geboren worden dan weten we eigenlijk niets meer. Hoewel, het begint in onze tijd te veranderen. De sluier begint een heel klein beetje doorzichtig te worden. En er worden steeds meer kinderen geboren die nog heel spontaan herinneringen hebben aan vorige levens maar ook heel spontane herinneringen hebben aan de lichtwereld waar ze vandaan komen, en we zullen in de toekomst merken dat wij er toe in staat gaan raken om steeds meer flarden van herinneringen aan vorige levens en aan de lichtwereld die ons eigenlijk thuis is, om die mee te nemen naar de aarde toe. De allereerste aanzet van dat doorzichtig worden van dat gordijn begint in onze tijd. De oude tradities vertelden dat er meestal zo'n vijfhonderd Ó duizend jaar tussen de verschillende levens in zat. Als je dat tot je laat doordringen denk je, ha, lekker, je kunt lekker lang thuis blijven, je kunt lekker lang genieten voor je weer even voor een leven naar de aarde toe gaat. De aarde is ook duidelijk een donkere plek en het is ook duidelijk een plek waar je echt heengaat om te leren, met vallen en opstaan. Met neusstoten, met door het donker heengaan, maar het is de leerschool die de kosmos voor ons gecreŰerd heeft, en waardoor we ons op een heel bijzondere wijze ons kunnen ontwikkelen.

Het doel is dat in onze tijd en dat zie je ook, heel veel mensen versneld terugkeren. Dat oude patroon van wachten van vijfhonderd Ó duizend jaar voor je eindelijk eens terugkeert, dat is in onze tijd op de schop gegooid, totaal veranderd. Je kunt dan ook in de boekhandel boekjes vinden, o.a. bijv. van rabbi Gershom die daarin verteld over allerlei mensen die nu weer in een lichaam op aarde zijn, en die zich herinneren hoe ze in een vorig leven in de kampen in Duitsland tijdens de 2e wereldoorlog gestorven zijn. Die zijn dus wel heel snel weer teruggekomen, heel snel terug gekomen om de ellende die dat einde van dat leven voor hen bereikt heeft, om dat in een nieuw leven stap voor stap te transformeren. Maar je voelt al, als zulke mensen hier geboren worden die in de 2e wereldoorlog gestorven zijn, die nemen wel heel wat onverklaarbare en onbegrijpelijke angsten en emoties mee. Kun je het je voorstellen? En dat zijn dan ook typisch wat we noemen die huilbaby's die maar zo moeilijk aarden kunnen en die door allerlei angsten geplaagd worden waarvan we niet begrijpen waar het dan vandaan komt. Want die moeten die diepe angsten in dit leven stap voor stap transformeren. Overigens nemen wij allemaal wel emoties en angsten mee uit vorige levens.

In de literatuur wordt zo'n angst of emotie die we uit zo'n vroeger leven naar dit leven meenemen wordt een "hangover" genoemd. En kijk maar eens naar je zelf, ken je bij jezelf van die onverklaarbare angsten d.w.z. die je niet uit dit leven kunt verklaren, bv. een angst voor brand, terwijl je in dit leven nergens een bijzondere brand hebt mee gemaakt. Of ik ken mannen die het niet verdragen om een stropdas te dragen, dan krijgen ze het meteen stik benauwd. Meestal zijn dat mannen die in een vorig leven door de strop zijn gestorven en de herinnering daaraan, maakt nog steeds dat elke vorm van strop bij hen iets oproept van: nee. Ik ken mensen die bang zijn om te sterven maar dan zo te sterven dat ze schijndood zijn, maar dat de arts dat niet door heeft. Zodat ze levend begraven worden, daar zijn ze spookbang voor. Ja, dat zijn meestal mensen die in een vorig leven levend zijn ingemetseld, zoals bv. bij ketters gebeurde, of bij de Katharen heel vaak voorkwam. Voor straf levend ingemetseld, en je kunt je voorstellen als je zo gestorven bent, dat je dan een heel diepe angst meeneemt naar een volgend leven voor in een opgesloten ruimte te zitten. Kijk eens, wij nemen allemaal zulke angsten mee, want we hebben allemaal levens gekend waarin het niet zo makkelijk ging, waarin we op een minder prettige manier gestorven zijn, en die angsten werken altijd door. Ik vind zelf het leuke van het denken in karma en re´ncarnatie dat je een beetje meer zicht hebt op je eigen gekke kanten, want er zijn angsten waarvoor je je geneert. We vinden het zo moeilijk te erkennen dat je daar en daar bang voor bent, want niemand is daar bang voor, het is kinderachtig. Het is niet kinderachtig; angsten zijn per definitie niet kinderachtig. Accepteer ze en hoe meer je accepteert dat ze bij jou horen hoe makkelijker je ze kunt transformeren, maar daarvoor is het ook leuk als je af en toe inzicht krijgt hoe dan zulke emoties uit vorige levens zijn meegenomen naar dit leven.

Voor mij, even tussendoor, zijn allerlei ervaringen die ik als jongere had, op hun plek gevallen. Ik herinner me, toen ik op het gymnasium zat dat ik in de vierde klas ben blijven zitten en dat ik in dat jaar dat ik over moest doen bij Grieks een beurt kreeg maar ik had thuis niks gedaan. Ik kon ook geen zinnig antwoord geven op de vraag van de leraar. En ik kreeg dus zoals dat heet een stevige uitbrander. Ik weet nog terwijl ik zat te luisteren naar wat hij tegen mij zei, er door mij heenging, :" Ach man, ik ken toch veel beter Grieks dan jij." En ik weet ook nog dat ik mij rot schaamde, ook voor mezelf, voor die gedachte want waar kwam die gedachte vandaan? En ik had net laten zien dat ik er geen donder van wist, dus het was een uiterst hoogmoedige gedachte vond ik zelf om te denken ach man, ik ken veel beter Grieks dan jij. Tot ik er achter kwam dat Griekenland het land is waar ik een belangrijke incarnatie heb liggen en nog altijd als ik in Athene aankom op het vliegveld en de taxi neem naar de stad en ik hoor daar weer die Griekse klanken dan heb ik weer iets van ha, heerlijk, thuis. Dit is het en dan ben ik weer helemaal stralend want dat is mijn eigenlijke vaderland. Zo begon ik te ontdekken dat de gedachte die ik toen had, op school bij die Griekse les dus helemaal geen hoogmoedige gedachte was, alleen maar een onbewuste herinnering aan een vorige incarnatie, begrijp je? Bovendien als ik mezelf afvraag en dat kunnen jullie jezelf ook afvragen, waarom ben ik dominee geworden, dat was in mijn leven eigenlijk niet zo handig. Enz. enz. enz. toch vanaf mijn derde wilde ik niks anders dan dit. Als ik terugkijk dan ben ik heel wat levens lang altijd in de geestelijke sector werkzaam geweest en zat het er dus dik in dat in dit leven dat geestelijke spoor werd voortgezet. Nou als je dan in deze tijd in deze incarnatie weer zou kiezen voor een geestelijk spoor, dan wordt je of pastoor of dominee, één van beide, althans in Nederland. Zo vallen de dingen op hun plek.

Wat is het doel van re´ncarnatie, waarom komen we steeds weer terug? Want ik hoor nogal vaak mensen zeggen, na de pauze, bij de vragen:"ja, zelfs al zou het waar zijn dat er meerdere levens zijn, ik vind één leven meer dan genoeg hoor, ik hoef niet terug te komen." Het is een herkenbare opmerking. Maar als je zoiets denkt bij jezelf, dan zegt dat natuurlijk niks over karma en re´ncarnatie, het zegt alleen maar iets over het feit dat je deze incarnatie niet erg makkelijk vind, en omdat je deze incarnatie niet makkelijk vind heb je zoiets van: zou het bij één keer kunnen blijven alsjeblieft. Maar waarom komen we dan toch terug? O, ja, voor alle troost nog even dit: de oude tradities vertellen, als je 1 of 2 mindere incarnaties achter de rug hebt, dan krijg je daarna een heel makkelijke incarnatie, een zondagsincarnatie. Want die krijg je ook want anders zou er zich in ons inderdaad een heel diepe afkeer voor de aardse wereld ontwikkelen zo sterk dat we echt niet meer terug willen naar school. Vandaar dat je regelmatig een zondagsincarnatie krijgt. En kijk maar eens om je heen. Soms ontmoet je mensen bij wie alles zo glad en zo vanzelfsprekend gaat, die zitten altijd in het hoekje waar de zes miljoen valt. En die valt dan net nooit bij ons, en dan voel je: die zijn duidelijk bezig met zo'n zondagsincarnatie, om weer even op een plezierige manier met de aarde te verbinden zodat ze de smaak voor het leven op aarde niet verliezen. Dus verheug je maar vast op zo'n volgende incarnatie.

Maar, waarom komen we dan zo vaak terug? Eigenlijk heel simpel: om de volmaakte omhulling voor de Christusgeest te worden. Want wij allemaal wij zullen net als Jezus van Nazareth, en bij Hem gebeurde het bij de doop in de Jordaan, bij ons mag het in deze tijd gebeuren: wij worden allemaal gedoopt, overschaduwd, vervuld met de Christusgeest. En leven na leven na leven zal die Christusgeest, die geest van volmaakte liefde, van volkomen vertrouwen, steeds krachtiger door ons heen gaan werken, zodat we als we klaar zijn met al die aardse levens, net zoals Jezus, eindelijk ook een Christus geworden zullen zijn, volmaakte wezens geworden zullen zijn. Want eens zullen wij allemaal ons oudste broertje Jezus, stap voor stap naderen. En eens zullen wij diezelfde grootheid van liefdekracht geworden zijn. Maar je voelt al, zo'n groots doel, om dat te mogen worden, een Christus naast Christus, dat verwerf je echt niet in één leven, daar zijn heel wat meer levenslessen voor nodig. Vandaar dat we zoveel levens krijgen om steeds weer één stapje verder te zetten op die lange weg van Christus wording. Paulus zegt in één van zijn teksten:" Niet ik spreek maar de Christus spreekt in mij." Dan voel je, hij is Jezus Christus achterna. Ook in hem is de Christus ge´ncarneerd en die begint steeds duidelijker door hem heen te spreken. Jezus zegt:" jullie zullen volmaakt zijn", oftewel jullie zullen eens volmaakt worden, net zo volmaakt als jullie hemelse vader is. Dat staat in het evangelie. Eens zullen jullie net zo volmaakt worden en zijn als jullie hemelse vader. Dat kan dus alleen helemaal aan het einde van die rits levens als wij helemaal de levende omhulling en de doorzichtige transparante omhulling voor de Christusgeest geworden zijn. In dit leven en de volgende levens mogen wij stap voor stap leren onszelf bewust te worden: waarom leven wij op aarde en wie zijn wij eigenlijk? Dus een eigen antwoord vinden op de grote levensvragen; een eigen antwoord en tegelijkertijd heel eerlijk inzicht krijgen in jezelf, dan krijg je, of dan zet je een stap op weg naar bewustwording. We zullen ook mogen leren zelfstandig te worden, op eigen benen te leren staan, want zolang we ons nog verschuilen achter een ander, zolang we nog afhankelijk zijn van een ander, zolang luister je meer naar die ander dan dat we leren luisteren naar de stem van de Christus in ons zelf. Dus bij de opdracht die in deze incarnatie naar ons toe komt, geldt niet alleen bewustwording, inzicht in jezelf krijgen, maar ook zelfstandig leren worden, op eigen benen leren staan. En daarom wordt er ook verteld dat in déze incarnatie zoveel mensen door eenzame perioden in hun leven heen gaan. Niet makkelijk, maar bedoeld om juist in die periode die innerlijke kracht te ver werven waardoor je ook zelfstandig leert zijn. En het laatste is dat je dan leren mag, steeds weer, om door de buitenkant van dit leven heen te leren zien. En daar bedoel ik dit mee: het gaat er niet om dat je zo rijk mogelijk wordt, dat we zo veel mogelijk macht verwerven, zoveel mogelijk aanzien krijgen, noem maar op. Dat zijn buitenkanten, dat zijn materiŰle dingen. Het gaat er om dat je innerlijk een wijs mens wordt. En dat je van binnenuit een eigen verbinding krijgt met de geestelijke werelden en dat dat in jou en door jou heen begint te werken. Paulus heeft gezegd, en dat is fascinerend als je het tot je door laat dringen:" Weet je dan niet," zei hij tegen zijn leerlingen, " weten jullie dan niet dat jullie ons boven engelen zullen oordelen". Wij zullen eens over engelen oordelen, het is bijna onvoorstelbaar; die engelen die wezens van pure liefde, louter licht, volkomen zuiverheid en wij zullen boven die engelen geplaatst worden om hen te helpen hun weg te vinden. Want dat wordt bedoeld. Hoe kan dat? Dat kan alleen wanneer wij werkelijk hier op aarde zelfstandige, bewuste, van Christus vervulde wezens worden. Zo groots is dus het doel wat de geestelijke wereld met ons hier op aarde voor heeft, dat wij straks in het kosmische bestel een plaats boven de engelen zullen innemen. Het laat even zien dat de geestelijke wereld, met die weg die wij leven na leven hier op aarde bewandelen, ook een heel hoog doel met ons voorheeft.

Een vraag die vaak gesteld wordt is deze:" kun je terugkeren als dier?" als een dier een wesp een muis noem maar op. Daarin is verschil tussen de oosterse en westerse traditie. In de westerse traditie wordt altijd verteld dat een mens niet kan terug keren als een dier. Want het niveau wat je eenmaal verworven hebt, dat niveau kun je nooit meer kwijtraken. Heb je eenmaal klas 3 gehaald, ben je overgegaan, ik moet nu zeggen groep 5 en 6, als je daarin bent over gegaan dan kun je nooit meer teruggezet worden naar een lagere groep. Hooguit kun je die groep nog een keer moeten overdoen. Zo is dat met karma en re´ncarnatie ook, je kunt niet terugvallen naar een lager niveau, je kunt hooguit vertraagd verder gaan en het huidige niveau nog een keer over moeten doen. Nu wordt karma heel vaak gezien en dat is gevaarlijk, als straf. En dan wordt er wel gezegd, het is je eigen schuld en dat is een volkomen verkeerde opvatting van karma. Want de geestelijke wereld denkt niet in termen van straf, die denkt alleen maar in termen van groei. En van de fouten die je mßg maken kun je groeien. Je moet dus bij karma nooit in termen van straf denken, alleen maar in termen van levenslessen die wij geschonken krijgen om te kunnen groeien. Daarom wordt in het westen de wet van karma ook wel 'de wet van genade' genoemd, het is eigenlijk een genade dat wij die levenslessen krijgen, en dat we door die levenslessen heen, kunnen groeien. Fouten horen erbij, zonder fouten kun je niet groeien en niet leren. Juist van die fouten kun je leren, ja, leren tot in je tenen toe. En daarom is het geen straf maar is het een geschenk. Het gevaar van karma en re´ncarnatie is dus, en zo zie ik het in onze tijd wel misbruikt worden, dat er tegen mensen soms gezegd wordt:"wat jij meemaakt, jouw ziekte bijv. ach dat is je eigen karma" en dan wordt daarmee bedoeld zoiets van: eigen schuld dikke bult. Ik hoop dat jullie begrepen hebben dat dat een van de gevaarlijkste en verkeerde en slechtste opmerkingen is, die je ooit kunt maken. Karma en re´ncarnatie worden ons alleen gegeven om iets van je eigen leven te gaan begrijpen en om de verantwoordelijkheid voor je eigen leven te accepteren maar nooit om het leven van een ander te verklaren, begrijp je. Zodra je het leven van een ander gaat verklaren, bijv met behulp van karma en re´ncarnatie, zeggen het is je eigen karma, dan ben je goddeloos bezig, ik zeg het even rechttoe rechtaan, want wat ons gevraagd wordt is om mededogen, medeleven en medelijden met de ander te hebben en nooit om het te verklaren, datgene waar de ander doorheen gaat. Voel je, heel belangrijk is, niet om andere levens te verklaren, alleen gebruiken om er zelf van te groeien.

In de geschiedenis van het westen speelt karma en re´ncarnatie langzamerhand weer een steeds grotere rol. Het is in Duitsland begonnen in de 18e eeuw, 1780 ongeveer. Met Lessing bv. maar ook met andere grote bekendheden uit de Duitse culturele geschiedenis, Herder, Leipniz, Kant.

Die spraken in hun tijd allemaal over karma en re´ncarnatie, dat was toen voor de westerse traditie, weer, nieuw.

In 1875 werd de theosofische vereniging opgericht en met de groei van de theosofische traditie in het westen en ook hier in Nederland, kwam ook het begrip karma en re´ncarnatie steeds sterker naar voren. In 1913 werd door Rudolf Steiner de antroposofische vereniging opgericht, en ook daarin werd het christendom weer verbonden met karma en re´ncarnatie en zo werd het ook door de antroposofie weer een bekend gegeven in Nederland. Maar, en dat vind ik het boeiende, als je nou terugkijkt naar de christelijke geschiedenis, naar het christendom, dan zie je dat in de eerste 2 eeuwen karma en re´ncarnatie nog helemaal bij de christelijke leer hoorden, dat het daar deel van uitmaakte en dat het vanaf de 2e en 3e eeuw stap voor stap systematisch is uitgeroeid door de groeiende kerkelijke traditie. Kortom, mijn stelling is ook altijd als wij ons in onze tijd weer bewust worden van karma en re´ncarnatie, dan vinden we eindelijk iets terug dat oorspronkelijk altijd al behoorde bij de christelijke traditie. Ik zeg dat zo nadrukkelijk omdat met name in de kerk vaak gezegd wordt:" ach ja, karma en re´ncarnatie dat is zo'n modeverschijnsel dat overgewaaid is vanuit het oosten." Niks is minder waar, het is het terugvinden van onze eigen christelijke traditie. Origines, de kerkvader, de Essenen, de mysteriescholen, Justinus de martelaar, de Gnostici, de Katharen, de Bogomielen, bij hen allemaal vind je verhalen over karma en re´ncarnatie en hoe het bij het christendom behoorde. Je kunt het ook in de bijbel vinden maar in de bijbel komt het op een verhulde manier voor want karma en re´ncarnatie behoorde bij de geheime kennis, waar Jezus in het algemeen niet in het openbaar over sprak, maar waar hij alleen over sprak in de beslotenheid van zijn leerlingenkring. Wat Jezus daar deed, deed in de oude tijd elke grote meester, want er was kennis die iedereen kon begrijpen maar er was verdergaande kennis, en die was te moeilijk voor iedereen, en die werd dan bewaard en bestemd voor de groep van leerlingen. Nou, dat zelfde systeem paste ook Jezus toe en gaf aan zijn leerlingen dus, in het geheim, karma en re´ncarnatie door.

Een prachtig verhaal en een prachtig bewijs ook daarvoor vind je in Johannes 9, het evangelie van Johannes. En dat gaat over de blindgeboren man. Het is een prachtig verhaal. Jezus en zijn leerlingen zijn onderweg van Jeruzalem naar Jericho. Je ziet aan mijn handbeweging : Jeruzalem ligt op de heuvels en Jericho ligt in de vlakte aan de Jordaan, dus ze dalen zo de heuvels af. En terwijl ze over die zanderige wegen lopen, zitten er, en sommigen liggen zelfs, de bedelaars, de mismaakten uit die tijd die alleen door te bedelen in hun onderhoud konden voorzien, en die bedelaars lagen altijd op een vaste plek. En zo gebeurde het dat regelmatig onderweg die vaste stemmen klonken van:" wilt u een aalmoes geven?" en elke reiziger was eraan gewend, daar zat die en daar zat die. En nu komen ze halverwege die tocht van Jeruzalem naar Jericho, ook een bedelaar tegen, die daar op zijn vaste plek zat en een man was die vanaf zijn geboorte blind was. En hij riep zodra hij die groep mannen hoorde komen, én vrouwen trouwens, begint hij te roepen:"aalmoes, aalmoes, aalmoes." En de leerlingen zien die blind geboren man op zijn plaats zitten en zo staat het in het evangelie, dan trekken ze op dat moment Jezus aan zijn mantel. En zeggen:" Jezus, hoe zit het nou eigenlijk met dÝe man, waarom is die man blind geboren, is dat vanwege een eigen zonde of vanwege een zonde van zijn ouders?" Begrijp je, het woord 'zonde' zou je meteen kunnen vertalen met 'karma', is die man blind geboren omdat ie voor zijn geboorte een zonde begaan heeft, dus karmisch beladen is, of is ie blind geboren omdat ie het karma van zijn ouders helpt dragen? Begrijp je? Kennelijk heeft Jezus net de avond tevoren, in de beslotenheid van de leerlingenkring, het een en ander over karma en re´ncarnatie uitgelegd, ja en nou willen ze wel eens weten: hoe zit het dan met deze situatie, begrijp je? Het is trouwens heel prachtig het antwoord wat Jezus geeft: daar leer je ook zoveel van, dan zegt ie: " nee deze man is niet blind geboren vanwege een eigen zonde en ook niet vanwege een zonde van zijn ouders, :"deze man is blind geboren", en dan staat er letterlijk:" omdat de God in hem geboren zou worden." Wat is dat, dat de god in hem geboren zal worden. De Christus in hem, het hoger zelf , het kan me niet schelen hoe je het noemt, die hele diepe goddelijke krachten die in ieder van ons verborgen liggen en die eindelijk wakker mogen worden en door ons heen mogen gaan stromen. Jezus bedoelt dus te zeggen:" deze man heeft gekozen voor een moeilijk leven want blind zijn in die tijd zonder sociale voorzieningen, begin daar maar aan, da 's niet makkelijk. Maar juist zo'n moeilijk leven dat brengt hem ertoe om dwars door de moeilijkheden heen in één klap dat goddelijke licht, ja ik zal bijna zeggen aan het licht te laten komen, zichtbaar te laten worden, voel je?

Nou zie je dat Jezus tussen neus en lippen door zegt dat er al drie redenen kunnen zijn waarom je soms moeilijke ervaringen meemaakt. Het kan soms je eigen karma zijn, soms maak je moeilijke dingen mee om het karma van geliefde mensen om je heen te dragen. Je partner, je ouders je kinderen en soms is iets moeilijks helemaal niet karmisch en is het ook nog zelf gekozen omdat je dwars door de moeilijkheden heen in dit leven een enorme stap in geestelijke groei wilde zetten. Mooi hŔ, als je zo gaat zien. Zie je dat je dus sowieso al nooit kan zeggen: het is je eigen karma, dat Jezus even duidelijk maakt: het is even wat gevarieerder dan jullie denken. Het leuke is als je nou de Bijbelcommentaren opsloeg om te kijken wat die nou zeggen bij deze tekst. Want je weet, Bijbelcommentaren willen niks van karma en re´ncarnatie weten. Hoe zouden ze dit nou uitleggen, want als deze man blind geboren zou zijn om zijn eigen zonde dan moet die zonde wel voor zijn geboorte begaan zijn. Het zou te gek zijn om aan te nemen dat hij bij zijn geboorte al gestraft wordt voor zonden die hij later begaat. Ja, hoe moet je dat dan verklaren als je niks van karma en re´ncarnatie wil weten. Tot op de dag van vandaag kun je dan in de Bijbelcommentaren lezen dat deze man dan wel gezondigd zal hebben in de moederschoot. En hier zie je een heel geforceerde manier om overal waar in de bijbel karma en re´ncarnatie voorkomt, om het weg te redeneren, kwijt te raken. Er zijn nog veel meer sporen. Er staat ook letterlijk dat Jezus tegen Johannes de Doper zegt, die armoedzaaier, die in zijn kamelenharen mantel rondloopt, ja, die armoedzaaier, is toevallig wel een incarnatie van de grote profeet Elia. En moeilijk dat de leerlingen het vinden om dßt te begrijpen, ze komen er een paar keer op terug. Net zolang totdat Jezus eindeloos herhalend zo heeft uitgelegd dat ze het kunnen pakken. Het staat er een paar keer met zoveel woorden:" Hij, Johannes de Doper, hij is Elia die komen zal." De incarnatie. Het mooie is dat je in de bijbel ook heel vaak de wet van karma tegenkomt, alleen het staat er zo versluierd ,voor iemand die het door heeft oftewel voor wie oren heeft om te horen, dat staat er heel vaak. Voor de liefhebbers noem ik een paar teksten. Er staat bv. in Job 4 vers 8:" wie onrecht ploege en moeite zaaie die maaie het". Zie je, je oogst wat je gezaaid hebt. Strofe 22 vers 8, o daar staat het al, "wie onrecht zaait zal onheil oogsten", voel je, wat je zaait in het ene leven daarmee wordt je geconfronteerd in een volgend leven. ů"want wind zaaie zij en storm oogste zij". Paulus in Galathen 6 vers 7: wat de mens zaait zal hij ook oogsten.

Voel je dat je deze teksten alleen zo kunt begrijpen: wat een mens zaait zal hij ook oogsten, zo niet in dit leven dan in een volgend leven. Iemand als de bekende theologe Dorothee S÷lle in Duitsland, die zei een keer:" van dat hele christelijke geloof klopt geen donder." Ze zei het soms heel recht toe recht aan en dat was wel heel verfrissend. Want zei ze en zij zat vooral met de kampbeulen in haar maag. Want de bijbel zegt wel wat je zaait zul je ook oogsten, maar kijk eens naar die kampbeulen van de 2e wereldoorlog. Een heleboel zijn er ontsnapt, en hebben in zuid- Amerika nog een heel luxueus leven geleid voordat ze gestorven zijn. En hebben nooit geoogst wat ze gezaaid hebben, begrijp je, daar zat ze mee. Maar je kunt het dus alleen begrijpen als je het plaatst in dat kader van meerdere levens. Samenvattend, voor mij althans is het zo, dat het christelijke geloof voor mij alleen maar begrijpbaar en hanteerbaar is geworden juist door karma en re´ncarnatie, anders kon ik er niets mee. Het tweede is dat ik nu pas iets begrijp over de rechtvaardigheid in het leven anders blijf je hangen in het raadselachtige: waarom sterft de één jong de ander oud enz. en ten derde ik ben zelf heel blij dat ik steeds weer door inzicht in karma en re´ncarnatie met mijn neus voor mijn eigen verantwoordelijkheid geplaatst word. En steeds als ik weer de neiging heb om naar anderen te wijzen en stilletjes bij mezelf te zeggen:" wat zijn de anderen toch een schoften", is het de wet van karma en re´ncarnatie die meteen weer tegen me zegt:" Hans, ho effe, het is niet de ander zijn schuld, dit heb je op de een of andere manier zelf gewild of zelf gecreŰerd".

Als we weer re´ncarneren, hoe zit het dan, en het is de laatste vraag voor de koffie, als we incarneren zien we dan straks als we sterven onze geliefden wel terug? Want ja, die zouden wel eens allang terug kunnen zijn op aarde. En dan lopen we ze soms goed mis, dan hebben we pech gehad. Nou, ik geloof en bij mij is het veel meer dan geloven, een zeker weten: we zien elkaar straks allemaal terug, en dat is een van de dingen waar ik me nu al intens op kan verheugen. Dat straks, als het mijn tijd is om dit jasje uit te trekken, daar, op de drempel, staan al mijn geliefden, en ik zal ze één voor één, en misschien wel allemaal tegelijk in de armen vallen, en we zullen bijpraten, en bij knuffelen en we zullen weer genieten van die verbondenheid die er op aarde was en nu weer terug keert. Voor mij is dat, ja, een groot feest om naar uit te kijken en iets wat het leven ook zo mooi maakt, het weten:"liefde is eeuwig, liefde sterft niet". Een tijdlang zie je elkaar misschien niet maar je blijft wel verbonden en er komt weer een moment dat je elkaar weer ziet, want liefde is eeuwig en met de mensen met wie je in liefde verbonden bent geraakt, gß je ook eeuwig verder. Maar ja, als dat zo is, dan zou het wel aardig zijn als ze even wilden wachten voor dat ze weer naar de aarde gaan, tot ik er ook ben. Nou zegt de esoterische traditie heel simpel dit daarop:"allereerst is het zo, zeggen ze, dat je meestal als groep weer incarneert, want met de mensen die ik in dit leven heb mee gemaakt, ja, daar is van alles mee gebeurd wat in een volgend leven nog uitgewerkt moet worden. Meestal incarneer je dus als groep en meestal wacht de hele groep 'boven' tot iedereen weer thuis is, en als iedereen weer thuis is, dan gaan ze, hup, één voor één weer naar beneden. Ik zeg het maar even simpel, maar ongeveer zo werkt het. Maar ja, veronderstel dat er een ongeduldig iemand is, zoals ik net al even noemde, die versneld weer incarneert, ja, maar dan is er nog iets. En dat is dan de laatste kanttekening maar dat maakt meteen iets duidelijk. Want ik zei dat wij hier leven om stap voor stap onze diepste kern, de Christusgeest aan het licht te mogen gaan brengen, zodat we eens allemaal een Christus zullen worden, dat is onze grootste opdracht. Maar, op dit moment is er van die Christusgeest die wij eigenlijk zijn, nog maar een heel klein deeltje bij ieder van ons ge´ncarneerd. Het meeste van ons diepste zelf is nog thuis gebleven, in de geestelijke wereld. Waarom? Omdat wij op dit moment nog volkomen onvolmaakt zijn en niet in staat zijn de grote krachtstroom van de totaliteit van de Christusgeest in ons te bevatten. Het is net alsof we een elektriciteitscentrale zijn, die nog maar heel weinig watt kan bevatten, of volt. Wat betekent dat. Ik ben er wel, maar het meeste van mij is nog thuis en wat van mij thuis gebleven is, dat spreekt vaak tot mij via de stem van mijn geweten. O, dus het geweten is ook dat grootste deel, dat volmaaktste deel van mijzelf, dat thuis gebleven is en dat heel zachtjes, heel stilletjes af en toe tegen mij praat om mij op de goede weg te krijgen en om mij te helpen de levenslessen te leren. En als ik nou sterf dan komt dit deel van die goddelijke vonk die in mij ge´ncarneerd is, die mag zich dan weer verenigen tot één geheel, met dit deel wat thuis gebleven is, voel je? En bij een volgende incarnatie gaat weer een klein deel naar beneden en het grootste blijft daar. Voel je nu hoe waar het is, ook al is iemand ge´ncarneerd, toch kom ik hem of haar toch nog tegen. Op een bepaalde manier gezegd:" ze zijn er altijd".

 

www.hansstolp.nl  

 
 
De heilige wetten van karma en re´ncarnatie
Hans Stolp (pastor en auteur)

8 oktober 2005 Amersfoort



Een belangrijke vraag:

Onlangs kreeg ik een brief van iemand met een vraag over karma en re´ncarnatie. Wat er in die brief stond, raakte me. Het ging namelijk over het misbruik van de heilige wetten van karma en re´ncarnatie. Een misbruik, waarover ik vaker hoor, en waarvoor ik regelmatig waarschuw. Nu is het inzicht in karma en re´ncarnatie een groot geschenk dat wij in deze tijd vanuit de geestelijke wereld ontvangen hebben. Het heeft mij bijvoorbeeld niet alleen geholpen mijn eigen leven of de grote geheimen van onze tijd beter te begrijpen, maar het heeft mij ook geholpen (iets van) het geheim van Jezus Christus te verstaan. Dat is dus geen gering geschenk! Maar juist daarom vind ik het belangrijk dat wij wél op een zuivere en liefdevolle manier over karma en re´ncarnatie leren praten, en dat wij dit geschenk niet kapot maken door er op een verkeerde manier mee om te gaan. Daarom ga ik graag nog eens op dit thema in. Ik vroeg mijn briefschrijfster of ik een paar fragmenten uit haar brief in Verwachting mocht afdrukken. Dat mocht, en dus volgen nu eerst die fragmenten:

Een kennis van mij heeft verschillende lezingen van jou bijgewoond en is al veel Ĺverder' in al deze - voor mij nog zeer prille - begrippen, overwegingen en ontdekkingen, dan ik ben. Ze vertelde me dat ze in haar werk şorthopedische hulp en healing aan kinderen met verschillende geestelijke en lichamelijke handicaps - naar een gehandicapt kind de opmerking had gemaakt: "Och, en dat ie ook nog zelf voor dit leven hebt gekozen!"

Ze had deze opmerking gemaakt voortvloeiend uit haar overtuiging van re´ncarnatie. Het kind had haar met grote ogen aangekeken, waaruit mijn kennis de overtuiging kreeg dat het DUS waar was wat ze had gezegd....

Ik was ~ en ben nog steeds ~ erg geschrokken van deze opmerking.

Vroeg haar of je dat ook zomaar kon zeggen, ALS HET AL WAAR ZOU ZIJNů..         

Maar  haar overtuiging dat je zelf voor zoĺn leven koos, klonk erg overtuigend. Dat was de consequentie van re´ncarnatie.

Ik voelde en voel me nog erg ongelukkig hiermee. Het haakte vreselijk bij mij en ik kwam er niet mee in het reine. Hoe kon je dit zomaar zeggen tegen zo'n hulpeloos mensje?

Alsjeblieft Hans, HOE ZIT DAT? VERTEL HET ME.


Laat ik meteen maar luid en duidelijk zeggen dat ik een opmerking als hierboven onjuist (want in strijd met de wet van de liefde) vind. Meestal ben ik - uit respect voor anderen - tamelijk voorzichtig in mijn uitspraken, maar in dit geval ben ik maar het liefst heel duidelijk. Omwille van de liefde. En om de zuiverheid van het inzicht in karma en re´ncarnatie te behoeden. Je mag namelijk nooit tegen een ander die een zware levensweg heeft, zeggen: 'Daar heb je nu eenmaal zelf voor gekozen.'


Er zijn allerlei redenen voor, waarom je dat niet mag zeggen. Maar de belangrijkste reden is simpelweg dat een dergelijke opmerking liefdeloos is. Liefde vraagt van mij niet om de ellende van een ander te verklßren, het vraagt 'alleen maar' van mij om mijn hart open te zetten voor de pijn en het verdriet van de ander, om dat op die manier te delen. En als je wérkelijk je hart open zet voor (bijvoorbeeld) een gehandicapt kind, dan begrijp je zelf ook even niet meer, waarom zo'n kind zoveel verdragen moet. Ik vergeet tenminste alles wat ik over karma en re´ncarnatie weet, zodra ik de wanhoop en/of het verdriet van de ander in de ogen van de ander zie, dat in mijn hart toelaat en dat vanbinnen probeer te doorvoelen.


Op zo'n moment sterven van louter verdriet alle woorden in mijn mond en voel ik mij zˇ machteloos, dat ik in die situatie alles vergeet wat ik weet.

Verklaren is volgens mij dan ook in wezen een geraffineerde poging om de machteloosheid te ontlopen die je voelt als je wérkelijk in eigen hart de pijn van een ander doorvoelt en meedraagt. Verklaren betekent dat je als het ware afstandelijk naar de ander kijkt en dat je je hart gesloten houdt en begint na te denken over het waarom. liefde verbiedt ons echter niet alleen om de ellende van een ander te verklaren, het maakt het ons zelfs onmogelijk om dat te doen! Gewoon, omdat je dan geen woorden meer hebt.

 

 

 

  
Maak er geen dogma van!!!


Er is een prachtig voorbeeld uit het verleden. In de bijbel staat de ontroerende geschiedenis van Job, de man die ooit de rijkste mens op aarde was, maar die alles verloor: zijn bezit, zijn slavinnen en slaven, al zijn vee en tenslotte ook nog eens al zijn kinderen, zeven zoons en drie dochters. Deze Job zei, toen hij alles verloren had en oog in oog stond met de puinhoop van zijn leven: 'De Here heeft gegeven, de Here heeft genomen. De naam des Heren zij gelooft.' [1]


Als je deze reactie van Job in alle rust tot in je hart laat doordringen, dan begin je het indrukwekkende van dat antwoord te voelen - en daarmee de geestelijke grootsheid van Job. Op de een of andere manier weet hij zijn vertrouwen in God te bewaren, hoe groot zijn ellende ook is. Als ik mij probeer te verplaatsen in Job, dan weet ik niet, of ik zelf deze grootheid van hart zou kunnen opbrengen als ik in een soortgelijke situatie terecht zou komen. Ik denk eigenlijk van niet.

 
Deze uitspraak van Job mag je rustig een persoonlijke belijdenis noemen. En het staat als een kleinood in de bijbel, als een verre bemoediging voor wie het moeilijk heeft: het kßn, er zijn mensen die dwars door alles heen het vertrouwen weten te bewaren. Dit voorbeeld van Job helpt ons dan ook om in moeilijke situaties te bidden: 'Alsjeblieft God, help mij om mijn vertrouwen niet te verliezen, juist nu ik het zo nodig heb. Geef mij alsjeblieft iets van de kracht van Job.'


Nu zijn er verschillende verhalen uit het verleden die allemaal ongeveer hetzelfde vertellen: dat het in de tijd vˇˇr de Tweede Wereldoorlog wel gebeurde dat dominee of pastoor op bezoek ging bij een gezin dat zojuist een kind aan de dood had verloren - iets dat in vroeger tijden natuurlijk regelmatig voorkwam. De verhalen vertellen dat het nog wel eens voorkwam dat dominee of pastoor tegen de bedroefde ouders zei: 'Jullie moeten maar denken: de Here heeft gegeven, de Here heeft genomen. De naam des Heren zij geloofd.' Tegenwoordig kunnen we nauwelijks meer begrijpen dat zoiets vroeger gezegd kon worden. Het is zo hard. Toch was dat toen min of meer 'gewoon'.


Nu gaat het mij er om wat er nu eigenlijk in zo'n situatie gebeurt: dat een persoonlijke belijdenis of geloofsuitspraak van Job ineens tot dogma wordt. En dat dominee of pastoor zo'n persoonlijke uitspraak nu ineens gaat gebruiken als iets dat je kennelijk op alle mogelijke situaties kunt toepassen. Maar als je dat doet wordt diezelfde uitspraak, die eerst zo ontroerend was, ineens meedogenloos! Het wordt dan een uitspraak die mensen pijn doet en zeker geen troost geeft. Het wordt een dogma waarmee dominee en pastoor mensen om de oren slaan. Dat mag dus niet! Zˇ mag je deze persoonlijke geloofsbelijdenis van Job niet misbruiken. Alleen de mens zelf die door de diepste ellende heengaat, mag zoiets zeggen. Een buitenstaander mag dat niet.

Gewoon, omdat hij of zij het niet zelf ervaart en dus niet weet waarover zij of hij het heeft.

Van dit voorbeeld kunnen we leren om dat dus nooit te doen: de persoonlijke (geloofs)uitspraken van een enkel mens op iedereen toe te passen en tot dogma te verklaren. Wanneer je dat doet, ben je verkeerd - want liefdeloos - bezig. Toegepast op karma en re´ncarnatie betekent dat dit: als je inzicht ontvangt in de heilige wetten van karma en re´ncarnatie gaat het erom dat je die vooral gebruikt vˇˇr en toepast ˇp je éigen leven. Alleen voor jezelf, en niet om allerlei situaties of onbegrijpelijke lotgevallen van andere mensen te verklaren.


Je eigen verantwoordelijkheid leren dragen Maar wat betekenen die heilige wetten voor mij persoonlijk dan? Heel eenvoudig dit: dat ik bij moeilijke of pijnlijke levenservaringen die ik moet doorstaan, niet de schuld aan anderen geef en naar anderen wijs als de oorzaak van mijn verdriet, maar dat ik tegen mezelf zeg: 'Hans, op de een of andere manier heb je hier kennelijk zelf voor gekozen. Geef dus niet anderen de schuld, maar vraag je af wat je hiervan te leren hebt.' Als ik probeer op deze manier met de moeilijke situaties van mijn leven om te gaan, dan helpt dit inzicht in re´ncarnatie mij om mij niet in het slachtofferschap op te sluiten (en dus verbitterd te raken) en om steeds maar de schuld bij anderen neer te leggen, maar om daarentegen door de pijn heen te gaan en wijzer te worden, liefdevoller en milder. Als ik op deze manier met de moeilijke ervaringen van mijn leven omga, dan verover ik daarmee een innerlijke winst op die pijnlijke ervaringen. En door er zˇ mee om te gaan leer ik bovendien ook nog eens precies de levensles die ik mij eens, voor mijn geboorte in de geestelijke wereld, voorgenomen had te leren.


Karma en re´ncarnatie zijn dus bedoeld voor mij persoonlijk. Om mij te leren mijn verantwoordelijkheid op mij te nemen, en niet langer naar anderen te wijzen. Op die manier bevrijdt dit inzicht mij van het slachtofferschap, helpt mij mijn eigen verantwoordelijkheid te leren dragen en maakt het mij mogelijk om geestelijk te groeien. Op deze manier gezien is dit inzicht dus een groot geschenk!

 Zo ervaar ik dat zelf tenminste. En zˇ is dit inzicht

(alleen maar) bedoeld! Als een hulp op je eigen levensweg, en nooit om het leven van een ander te verklaren!


Daarnaast helpt dit inzicht mij om dingen te begrijpen die ik vroeger nooit begreep. Het leert mij bijvoorbeeld dat ik niet kan zeggen dat God de oorzaak is van alle ellende. Karma en re´ncarnatie leren mij nu juist dat die ellende onze eigen ellende is: die hebben wij zelf in vorige levens veroorzaakt! Als je maar in één leven gelooft, dan valt het niet te begrijpen, waarom de ene mens maar tien jaar oud wordt en in die tien jaar allerlei narigheid meemaakt, en de ander minstens tachtig wordt, en ondanks het feit dat hij of zij veel mensen kwaad doet, toch alleen maar voorspoed meemaakt. Hoe kan dat?

Vroeger dachten wij dat Gˇd dat zo regelde en vroegen wij ons af: 'Waarom doet God dat?' Nu weten we dat we niet kunnen zeggen dat God dat doet, maar dat wij zelf voor die lessen gekozen hebben, en dat ze vaak voortvloeien uit wat we in vorige levens deden. De fouten die we in vorige levens maakten, mˇgen we overigens maken, want je kunt alleen groeien met vallen en opstaan. Maar wel krijgen we die fouten net zolang voorgeschoteld tot we het eindelijk op de goede manier leren doen. Enfin, voor dit thema verwijs ik graag naar mijn boek Karma, re´ncarnatie en christelijk geloof dat zojuist in herdruk verschenen is. Daarin bespreek ik deze thema's uitgebreid. (En nu ik het er toch over heb: Ten Have, mijn uitgever, bedankt voor deze herdruk! Heel wat mensen benaderden Ten Have met de vraag of er geen herdruk kon komen van dit boek - en deze herdruk is van al die verzoeken het resultaat. Leuk hé? Naast Ten Have dus ook jullie bedankt voor al die brieven, mails en telefoontjes aan de uitgever!)

[1]  Job 1 : 21

Niet alles is karma...

Heel belangrijk is het om ons - in het kader van het thema dat we bespreken -   te realiseren dat we niet moeten denken dat wij nu ineens voor de volle honderd procent beginnen te begrijpen waarom de dingen gebeuren zoals ze gebeuren. Denk niet dat je met dit inzicht in karma en re´ncarnatie in de hand, nu ineens alles kunt begrijpen en verklaren. Blijf alsjeblieft bescheiden! En denk vooral niet dat wij nu in staat zijn het karma van een ander te doorgronden. Wie dat denkt te kunnen, gaat in wezen op de stoel van God zitten - en dat lijkt me niet de plaats waar een mens hoort te zitten...

Er zijn namelijk zoveel redenen, waarom ons bepaalde dingen overkomen. En daarom maken we een grote fout als we alles meteen maar uit persoonlijk karma willen verklaren, in de zin van 'daar heb je zelf voor gekozen.'

Een prachtig voorbeeld dat ons iets duidelijk maakt over de duizelingwekkende grootsheid van de karmische wetten, en dat ons bescheidenheid leert bij de verklaring van die wetten, vinden we in

de bijbel. En wel in het Evangelie van Johannes (hoofdstuk 9). Daar wordt het verhaal verteld over een blindgeboren man. De leerlingen van Jezus vragen aan hem waarˇm deze man blind geboren is. Is dat vanwege zijn eigen karma, vragen ze, of komt dat omdat hij het karma van zijn ouders draagt?

Jezus zegt als antwoord op die vraag dat deze man niet blind geboren werd vanwege zijn eigen karma, en evenmin vanwege het karma van zijn ouders, maar dat deze man zelf, vrijwillig, voor dit moeilijke levenslot gekozen had 'om de god in hem aan het licht te brengen'. In dit antwoord van Jezus vinden we al drie verschillende redenen waarom een mens soms een moeilijk levenslot krijgt te dragen.


Dat kßn (1) het gevolg zijn van zijn eigen karma. Misschien heeft hij in een vorig leven geen meedogen gehad met een blinde en deze man of vrouw misschien zelfs bespot. Dan zeggen de karmische wetten dat hij in een volgend leven nu zélf ervaren mag dat het lot van een blinde niet gemakkelijk is, en dat deze mens daarom mededogen verdient. Als je de dingen aan je eigen lijf meemaakt, ga je er meestal wel anders over denken!

Jezus zegt echter dat in dit geval de man niet blind geboren werd vanwege een dergelijk persoonlijk karma. Evenmin werd hij blind geboren om het karma van zijn ouders te helpen dragen.

Dat kan dus ook: (2) dat wij moeilijke of pijnlijke dingen meemaken, niet omdat wij dat zelf karmisch veroorzaakt hebben, maar simpelweg om daarmee iets van het karma van een geliefde te helpen dragen! Dat is eigenlijk iets indrukwekkends! Dat wij er vrijwillig voor kunnen kiezen om iets moeilijks mee te maken, alleen om daar een ander mee te helpen. Dat is een teken van echte liefde!

Maar, zegt Jezus, in deze situatie is de man, waar het om gaat, ook niet blind geboren om op die manier het karma van zijn ouders te helpen dragen.


Nee, zegt Jezus, hij werd (3) blind geboren om op die manier 'de god in hem aan het licht te brengen.' Dat wil zeggen dat deze man voor een moeilijk leven koos, omdat je door het innerlijke gevecht met die moeilijkheden geestelijk heel snel groeien kunt. In dit geval zˇ snel, dat 'de innerlijke Christus', 'het hoger zelf', of 'de goddelijke geest' daardoor in deze man aan het licht kon komen. Dat is dus niet mis: om vrijwillig voor een moeilijk leven te kiezen om geestelijk in één keer heel snel te kunnen groeien.

Samenvattend mag je dus concluderen dat er volgens Jezus al drie heel verschillende redenen zijn waarom de dingen ons overkomen die ons overkomen: ˇf vanwege je persoonlijk karma, ˇf om het karma van anderen te helpen dragen, ˇf om daardoor de impuls voor een snelle geestelijke groei te krijgen.

Daarnaast bestaat er ook nog zoiets als een familie-karma. Bovendien hebben wij allemaal ook nog eens te maken hebben met een groepskarma en een volkskarma. En al deze verschillende soorten van karma kunnen evenzeer de oorzaak zijn van de ervaringen die een mens te verwerken krijgt. Als je je dit alles realiseert, begin je te beseffen hoe moeilijk - zeg maar rustig: onmogelijk - het is om het karma van een ander te verklaren: er zijn zoveel verschillende redenen voor de dingen die ons overkomen, en dat zijn allemaal redenen die voor ons grotendeels verborgen zijn! Gewoon, omdat het goddelijke Plan voor ons verborgen is.

Het voorbeeld van mijn briefschrijfster hierboven laat zien dat degene die die uitspraak deed: 'daar heb je zelf voor gekozen', in feite niet op de hoogte is van de veelvormigheid en grootsheid van het karmische patroon. Had ze wel iets van deze dingen afgeweten, dan zou zo iemand zeker niet zo'n liefdeloos antwoord gegeven hebben!

 
Tenslotte...

   

 

Op zich vind ik het inzicht in karma en re´ncarnatie niet iets, waar ik warm of koud van word. Warm vanbinnen word ik als ik aan Christus denk en hem innerlijk voor me zie. Warm word ik vanbinnen wanneer ik aan de engelen denk en aan de grootsheid van de kosmos. Dat heb ik niet bij genoemde inzichten. Maar wél zijn die inzichten belangrijk voor me: ze vormen als het ware de basis ofwel het uitgangspunt van de esoterische traditie - en dus van de manier waarop ik zelf naar het leven kijk. En daarom beschouw ik het ook als een geschenk dat we in onze tijd deze inzichten (weer) aangereikt krijgen - want dat er een verborgen leiding vanuit de geestelijke wereld zit achter het feit dat steeds meer mensen zich in onze tijd bewust worden van de vanzelfsprekendheid van karma en re´ncarnatie, dat is mij wel duidelijk.

Juist omdat deze inzichten de basis vormen waarop de esoterische traditie stoelt, beginnen we elk jaar na de zomervakantie onze reeks van zaterdagse lezingen in Amersfoort met een dag waarop het thema 'karma, re´ncarnatie en christelijk geloof' centraal staat. (Dit jaar doen we dat op 9 september)

Op die dag ga ik ook in op het feit dat deze inzichten in het verre verleden nog deel uitmaakten van het christendom. En dat Jezus regelmatig over deze inzichten met zijn leerlingen sprak. Maar centraal op die dag staat steeds weer de oproep: alsjeblieft, laten we er samen voor waken dat we deze inzichten niet liefdeloos en oordelend gebruiken, maar dat we dat op bescheiden manier doen, met een groot mededogen voor de heel eigen (en vaak onbegrijpelijke) levensweg van onze naaste! ....
 

Bron: Verwachting ľ Tijdschrift voor Spirituele Ontwikkeling ľ nr 36 jaargang 10
www.stichtingdeheraut.nl
Geplaatst met toestemming van de auteur: Hans Stolp
fotoĺs genomen door mezelf te Amersfoort op 08/10/2005