Sprokkels van her en der

Laat de slaap uw moede oogleden niet sluiten
voor u met drie vragen uw daden
van deze dag hebt onderzocht:
Wat heb ik verkeerd gedaan?
Wat heb ik gedaan?
Wat heb ik nagelaten dat ik had moeten doen?
Kijk terug, van uw eerste tot uw laatste handeling
en als u verkeerd deed, heb berouw in uw geest;
verheug u over alles wat goed was.

Pythagoras



In onze geest, innerlijk moeten we in staat zijn het woord los te maken van de beleving en moeten we ten enenmale vermijden dat het woord zich mengt in, en een rol speelt in de rechtstreekse beleving van het gevoel; het gevoel wat feitelijk voorhanden is.
Als je eenmaal zo ver bent gegaan en zo diep hierin bent doorgedrongen, zul je ontdekken dat in het onbewuste, in de duistere uithoeken van de geest een gevoel begraven ligt van volslagen eenzaamheid, van isolement, en dat is de fundamentele oorzaak van angst.
Maar hier kom je nooit aan voorbij als je het uit de weg gaat, als je het ontloopt, als je er niet in afdaalt zonder er een naam aan te geven.
Onze geest moet oog in oog komen te staan met het feit van volledige innerlijke eenzaamheid en zichzelf niet toestaan iets aan dat feit te veranderen. Dat uitzonderlijke iets dat eenzaamheid heet is het diepste wezen van het zelf, het "ik", met al zijn pesterijtjes, al zijn slimmigheden, zijn plaatsvervangende trucs, met zijn sluier van woorden waarin de geest gevangen raakt.
Pas wanneer de menselijke geest in staat is aan die uiteindelijke eenzaamheid te ontstijgen meldt zich vrijheid- de absolute vrijheid van angst.
Alleen dan kom je zelfstandig te weten wat werkelijkheid is, die onmetelijke energiebron die geen begin kent en geen einde.
Zolang de geest echter in termen van tijd zijn eigen angsten verwekt, is hij niet in staat tot inzicht in datgene wat tijdloos is.   

KRISHNAMURTI

Vertrekken… op weg gaan
 
Vertrekken is allereerst uit zichzelf treden.
De korst van egoïsme stukbreken,
Die ons gevangen tracht te houden in ons eigen ‘ik’.
 
Vertrekken , dat is ophouden rond zichzelf te draaien,
Alsof men het middelpunt van de wereld en van het leven was.
 
Vertrekken, dat is zich niet laten opsluiten binnen de problemenkring
van het wereldje waartoe we behoren;
hoe belangrijk dat ook mag zijn, de mensheid is veel groter –
en die moeten we juist dienen.
 
Vertrekken, dat is geen kilometers verslinden,
Zeeën oversteken, of supersonische snelheden bereiken.
Het is in de allereerste plaats,
Zich openstellen voor anderen,
Hen ontdekken, hen tegemoet gaan.
 
(Dom Hélder Câmara)












Paramahansa Yogananda werd omschreven door zijn geliefde leerling Rajarsi Janakananda als een Premavatar ofwel "een incarnatie van Liefde”. In het volgende stuk proza, geschreven in 1936 spreekt Paramahansa over zijn eigen zoektocht naar goddelijke Liefde, gevolgd door zijn verzoening, zijn eenwording, met God als Liefde.

"I am in love with Love alone”


Ik zocht liefde in vele levens. Bittere tranen van afscheiding en berouw heb ik vergoten om eindelijk te weten wat Liefde is. Ik offerde alles op, alle gehechtheden en illusies om tenslotte tot de ontdekking te komen dat ik alleen maar de Liefde van God, God’s Liefde, liefheb. Toen dronk ik Liefde door alle ware harten. Ik zag dat Hij het Enige Alomvattende Kosmische Wezen is die Liefde geeft, die Lief heeft; die Ene trillende Geur die hangt en naar boven komt in alle bonte soorten bloemen van liefde in de tuin van het leven.

Vele zielen vragen zich droevig en hulpeloos af, waarom liefde van het ene naar het andere hart vlucht. Ontwaakte zielen realiseren zich dat het hart niet grillig is in zijn liefde voor andere harten, maar slechts de Ene GodLiefde liefheeft die in alle harten huist.

De Heer fluistert eeuwig en altijd zacht naar jou: Ik ben Liefde, maar om het geschenk van Liefde en het schenken daarvan te kunnen ervaren, verdeelde Ik Mij in drieën: Liefde zelf, degene die liefheeft en de geliefde. Mijn (Goddelijke) Liefde is prachtig, puur, eeuwig en altijd heerlijk en Ik proef er op vele manieren van, door vele vormen.

Als vader drink Ik eerbiedige liefde uit de diepe bron van het hart van mijn kind. Als moeder drink Ik de nectar van onvoorwaardelijke liefde uit de zielenbeker van de kleine baby. Als kind drink Ik en voel Ik de beschermende liefde van vaders rechtvaardige rede. Als zuigeling drink Ik zonder enige bijbedoeling uit de heilige graal van moederlijke aandacht. Als meester drink Ik genegenheid uit de veldfles van de bedachtzame attenties van de bediende. Als bediende nip ik eerbiedig van de liefde uit de bokaal van meesters waardering. Als goeroe geniet Ik van de pure liefde uit de kelk van de leerling die zich in devotie geheel overgeeft. Als vriend drink Ik uit de als vanzelf klaterende fonteinen van spontane liefde. Als een goddelijke vriend drink Ik met grote teugen het kristalheldere water van kosmische Liefde die ontspringt uit het reservoir van alle harten die God aanbidden.

Slechts de Liefde heb Ik lief, maar Ik sta mijzelf toe om te worden misleid wanneer Ik als vader of moeder slechts aan het kind denk en voor hem voel; wanneer Ik als geliefde mijn liefde slechts laat uitgaan naar mijn beminde; wanneer ik als bediende alleen leef voor de meester. Maar omdat Ik slechts de Liefde liefheb, breek Ik uiteindelijk door deze misleiding van Mijn ontelbare gezichten van het menselijke ‘zelf’ heen. Om die reden breng Ik de vader over naar het astrale land wanneer hij vergeet dat het Mijn Liefde is en niet die van hem, die het kind beschermt. Om die reden haal Ik de baby van de borst van de moeder, opdat zij leert dat het Mijn Liefde is die zij in hem aanbad. Ik ontfutsel de beminde weg van hem die zich verbeeldde dat zij het was die hij liefhad, anders dan Mijn Liefde die in haar antwoordde.

Op die manier speelt Mijn Liefde verstoppertje in alle mensenharten, zodat iedereen de kans krijgt om Mijn Liefde zelf te leren ontdekken en vereren en niet de tijdelijke menselijke ontvangers van Mijn Liefde. Zodat iedereen in staat is om Mijn Liefde te ontdekken en vereren die danst van het ene naar het andere hart.

Mensen bedelen bij elkaar vanwege het "Hou van mij alleen” en dus maak ik hun lippen koud en verzegel ze voor altijd zodat zij die onwaarheid niet meer kunnen uitspreken. Omdat zij allemaal Mijn kinderen zijn, wil Ik dat zij de opperste waarheid spreken: "Hou van de Ene Liefde in ieder van ons”. Aan een ander te zeggen, "ik hou van jou” is vals tot het moment dat jij de waarheid beseft: "God als de Liefde in mij houdt van Zijn Liefde in jou”.

De maan lacht om al die miljoenen goedbedoelende beminden die onbewust en onwetend aan hun geliefden de leugen vertelden: "ik hou eeuwig en altijd van jou”. Hun schedels zijn verstrooid over de winderige zandvlakte van de Eeuwigheid. Ze kunnen hun adem niet meer gebruiken om te zeggen "ik hou van jou”. Ze kunnen hun belofte om eeuwig en altijd van elkaar te houden niet meer herinneren noch inlossen.

Zonder één woord te spreken heb Ik jullie altijd liefgehad. Alleen Ik kan zeggen, "Ik heb je lief”, want Ik hield al van je van voor je was geboren; mijn Liefde geeft jou leven en bezielt je zelfs op dit ogenblik; en alleen Ik kan jou liefhebben nadat de poorten van de dood jou hebben opgesloten waar niemand, zelfs niet degene die jouw grootste liefde was, jou ooit kan bereiken.

Ik ben de Liefde die menselijke poppen laat dansen aan koorden van emoties en instincten, om het drama van liefde uit te spelen op het schouwtoneel van het leven. Mijn Liefde is prachtig waar je eeuwig van kunt genieten wanneer je alleen daarvan houdt; maar de levenslijn van jouw vrede en vreugde wordt afgesneden wanneer je in plaats daarvan verstrikt raakt in menselijke emoties en gehechtheden. Besef, Mijn kinderen, het is Mijn Liefde waarnaar je hunkert!

Diegenen die Mij liefhebben in de vorm van één enkel persoon of die Mij onvolmaakt liefhebben in één persoon, weten niet wat Liefde is. Alleen zij die Mij wijs, onberispelijk, compleet, in totale overgave liefhebben weten wat Liefde is; slechts diegenen die Mij volmaakt en in gelijke mate in alles liefhebben en die Mij volmaakt en in gelijke zin als alles liefhebben, weten wat Liefde is.

 

Uit ‘The Divine Romance’ door Paramahansa Yogananda